UA-118292059-1

Monthly Archives: november 2019

Voor later

Soms is een tekst gewoon goed. Aegon heeft een prachtig spotje laten maken over ouder worden. Dat in klare taal en met intrigerend beeld illustreert waarom je tijdig aan je oudedag moet denken. Later is eerder dan je dacht. Toupetje af!

Aegon_LaterOm niet alleen maar slechte teksten te bekritiseren vanaf deze zijlijn ook eens een voorbeeld van een tekst die soepel loopt.

Later, komt sneller dan je denkt.
Regel daarom nu al jouw geld voor later.
Bijvoorbeeld met Beheerd Beleggen van Aegon.
Vraag je adviseur naar de mogelijkheden Aegon Beheerd Beleggen
of kijk op Aegon.nl/beleggen…

Simpel maar duidelijk. Wellicht zou de tweede later een straks kunnen zijn, om al teveel herhaling te voorkomen. En er bestaan verschillende versies van Vraag je adviseur naar… dus het bureau (TWBA/Neboko) blijft veranderen terwijl de campagne loopt. De klant wou een extra verwijzing naar Aegon schijnbaar, want stel nou dat die verrekte adviseur iets anders adviseert.

Ook bij Zwitserleven hebben ze goed geluisterd, dus daar is het bureau (DFFRNT?) aan het werk gezet om een eigen variant te maken. De video spelen we later, maar eerst de tekst.

Leven in het nu.
Veel mensen vinden dat je daar heel gelukkig van wordt.
En eerlijk is eerlijk…
…dat is ook zo.
Maar, natuurlijk sta je ook stil bij later.
Want wat nu later is, is straks nu.
Het Zwitserleven Gevoel, 
dat gun je toch eigenlijk iedereen.

Laat het eens door je mond spoelen en proef de nasmaak van pompeus gebral. Misplaatst zelfvertrouwen. Teveel ijver. Bemoeienis van de klant. Kansloos geval. Eerlijk is eerlijk. Eigenlijk wel. Nu wel. Later ook.

Banlieue

Wat een mooie merknaam: Banlieue. Het klinkt klassiek, maar het is letterlijk ook behoorlijk urban. Buitenwijk! En wie beseft dat Clan de Banlieue in Rotterdam ontstaan is? Als bruderbrand!

In het beeldmerk van Banlieue duikt helaas een vingerafdruk op, zo’n beetje het meest gekozen cliché van beginnende logo-ontwerpers. Maar dit Rotterdamse kledingclubje heeft het met zijn tracksuits en hoodies wel tot leverancier van de Bijenkorf geschopt. Ze doen nu zelfs aan capsule collections, als volleerde luxe leveranciers. Of is het alleen maar Vocabulaire x Fenty?

Banlieue is in 2016 ontstaan als schoolopdracht, vertellen oprichters Sinan Karaca, Levie Merckens en Richard Lopes Mendes. Begonnen met het bedrukken van standaard kleding zoals t-shirts en trainingspakken, zie ook Druk Rotterdam. Sindsdien zou de kwaliteit geleidelijk beter zijn geworden.

Bij accessoires treffen we leren mantasjes met een preeg aan, en sokken met een ingeweven embleem. Maar ik zie nog steeds overwegend standaard kleding met strijkplaatjes erop. Zo’n capsule collection is een nieuwe lading die net aangekomen is in Rotterdam. En de gesuggereerde samenwerking Nike x Banlieue lijkt me een eenzijdige actie, geen collaberation.

Dat is geen lang leven beschoren zo. Ga eens op zoek naar leveranciers die echt iets unieks kunnen maken mes garçons!

Academie Julian

Wat maakt een naaktstudie een waardevol kunstwerk? Om te beginnen de kwaliteit van het werk zelf en de reputatie van de maker. Maar ook de schoonheid van het naakt en de decoratieve functie tellen mee. Als het dan ook nog eens in historische context te plaatsen is, wordt zo’n schilderij echt interessant.

Nude Academie JulianTussen eindeloze landschappen en stillevens trof ik onlangs op een online veiling een schilderij van een naaktmodel aan. Vaardig geschilderd, maar opvallend waren de kleurstelling die aan een vergeeld krantenbericht doen denken en de achtergrond die van het geheel bijna een grafisch kunstwerk maakt.

Het was ook een schilderij op redelijk groot formaat, dus alleen als decoratief stuk al waardevol. De expert verwachtte een prijs tussen de 300 en 400 euro.

Maar er was meer dat de aandacht trok. Het doek bleek gemaakt door de firma Dubus in Parijs. Daar kochten eind 19e eeuw veel impressionisten en post-impressionisten (zoals Van Gogh) hun benodigdheden. En als we naar de achtergrond kijken, lijkt het naaktmodel geschilderd op een plek waar meerdere schilders tegelijkertijd aan studies werkten.

Gallen in Academie JulianEven zoeken op Google levert al snel beelden op van de Academie Julian. Daar waren de muren bedekt met het werk van deelnemende kunstenaars. Dat plaatst dit werk op een belangrijke plek in een doorslaggevend tijdperk.

Deze academie heeft een eeuw bestaan, van 1868 tot 1968.

Sir Alfred Munnings

Een voorbeeld uit de academie is een schilderij van de Amerikaan Jefferson David Chalfant die Bouguereau’s Atelier als thema kiest. Bouguereau gaf les aan de Academie Julian. Hij was een naturalist, een romantisch realist (in eigen woorden) en een uitgesproken tegenstander van het impressionisme. De letters die in de geveilde naaktstudie gekrast zijn, lijken op de naam Bouguereau. Maar dan in verkeerde volgorde.

nude Alfred MunningsWe vinden ook een aantal naaktstudies van de Britse kunstschilder Alfred Munnings die op dezelfde academie lessen nam. Munnings maakte naam met paarden-portretten. Hij was aan het einde van zijn loopbaan zelfs president van The Royal Academy, waar hij zich in 1949 in een speech op BBC Radio fel keerde tegen vrijwel alle modernisten, met name Picasso en Matisse.

Zijn voormalige landhuis Castle House in Dedham (Essex) is nu een museum met honderden werken van Munnings. Betaald uit zijn eigen nalatenschap.

Atelier Courbet

In dezelfde veiling wordt een houtskoolschets van een naaktmodel aangeboden, ook een groter formaat. Op de achterzijde van het papier staat Atelier de G. Courbet, geen onbelangrijke referentie. Het lijkt met rood potlood opgeschreven, alsof de bestaande lijnen van een preeg- of een wasstempel aangedikt zijn.

Atelier G. CourbetDat is een bekend stempel, gebruikt door de schilder Gustave Courbet (1819-1877) die beroemd werd met zijn L’Atelier du Peintre als voorvechter van het realisme. Courbet had een atelier in Quartier Latin, Parijs.

In 1861 opende Courbet zijn atelier voor leerlingen, waar hij doceerde in de kunst van het weergeven van de realiteit. Maar deze opleiding werd een jaar later al gestaakt. Het is uiteraard mogelijk dat de leerlingen schetspapier gebruikten dat door de meester ter beschikking was gesteld. Maar dat is nog steeds een indrukwekkende afkomst voor een naaktschets.

De houtskoolschets kreeg een nieuwe eigenaar voor 118 euro; de olieverf bracht uiteindelijk 650 euro op. Dergelijke naaktstudies spreken uiteenlopende liefhebbers aan. Je hebt dan ook wel iets authentieks aan de muur. Of vakkundig werk van navolgers. Hoe dan ook: het verhaal achter het naakt is zeker zo interessant.

Eyes Never Lie

Greving & Greving is zo’n beetje de barbershop van brillendragers. Mannen met woest gezichtshaar, tatoes en stoere monturen. In de stroom der woelige baarden past nu ook een eigen commercial.

Wat Eyelove, Specsavers en Pearle doen, dat kunnen ze in Noord-Nederland ook. Huur zo’n communicatiebureau in en laat een mooi multivocaal televisiespotje maken. Maar als ik het resultaat zie, vraag ik me af of al dat gezichtshaar aan de opdrachtgever groeit of aan de bureaucreatieven. De tekst van de commercial is namelijk zo tranentrekkend slecht, dat ik vrees dat er een SEO-schrijver is ingezet. Het zoekwoord laat zich raden.

baard en brilMooi.
De wereld is mooi.
Kijk maar om je heen
en
zie de mooie dingen.
Of?
Maak de dingen nog mooier.
Je bent mooi.
Zo mooi.
Greving & Greving Opticiens.

De woorden zijn blijkbaar bijeen geschraapt door een tekstbartje met een stotterend brein. Niet alleen op mooi blijft-ie haken, maar tot overmaat van sneuheid wordt ook dingen nog eens herhaald. Wat maken ze bij de Jansen & Janssen uut Hoog’veen? Ding’n veur je og’n!

De gedachte achter de campagne wordt toegelicht bij Nana Woody & John. “Greving & Greving staat voor een stijlvolle way of life met aandacht voor de mooie dingen in het leven. Dat zie je ook terug in de inrichting van de winkels. Om maximaal te genieten zijn goed zien en er goed uit zien essentieel.” Blijkbaar stotteren ze ook achter de schermen vrolijk voort.

Eyes Never LieWie zijn Nana Woody & John eigenlijk? Samen zijn ze een soort internationaal influencers platform voor brillentrends, de vloggers van Eyenovation. Ook daar veel mannen met baarden. Ze hebben een aantal merken al onder dak, en gaan nu links leggen naar zelfstandige verkooppunten. Monetariseren! Nana verwijst naar Moskouri. Woody is Allen. En John duidt op Lennon. Ikonische brildragers.

Het zou me niks verbazen als deze creatieve piepersnijders ook de commercial voor Greving & Greving hebben gemaakt, maar dat het spotje eerst bedoeld was als collectieve campagne voor de zelfstandige optiek onder het motto Eyes Never Lie. Daar hebben ze immers ook foto’s van the making of

Yield editors bij Mediahuis?

Het Belgische bedrijf Mediahuis is eigenaar van NRC en de Telegraaf. Mediahuis heeft net een 35% belang genomen in Mather Economics, een Amerikaanse adviesbureau dat mediabedrijven en loterijen helpt met yield management, het verhogen van hun opbrengst. Mather werkt al samen met NRC.

Wat betekent yield management voor media, voor redacties? Op de site van Mather staat een case van de Dallas Morning News, een traditionele uitgever. Deze krant had eerst met een paywall gewerkt, maar die is vervangen door een tweetraps-systeem waarbij een deel van de content gratis is en een deel betaald moet worden. Precies zoals NRC en de Telegraaf ook werken.

In de case wordt beschreven hoe er bij de Dallas Morning News gestreefd wordt naar een data driven newsroom. De krant heeft Listener geïnstalleerd, een systeem dat meet welke content goed converteert. Conversie is een begrip uit de verkoopwereld waarmee het omzetten van aandacht in verkoop afgemeten wordt. In krantentermen: van een X-aantal lezers is een Y-percentage betalend lezer geworden.

Dat is door Mather gemeten per bericht, per artikel en per katern. Het resultaat: van de 54.000 berichten die gedurende een jaar geanalyseerd zijn, heeft slechts 9% bijgedragen aan conversie. Zo’n 49.000 berichten hadden geen directe invloed. Dat levert in eerste instantie een schrikbeeld op. Worden journalisten bij Mediahuis straks beoordeeld op hun conversie-vermogen?

Destination Content

Laten we maar veronderstellen dat yield editing anders werkt. Net zoals een winkel destination products kent en destination categories, kan bij een medium destination content onderscheiden worden. Berichten waar de consument op afkomt; nieuws waar de lezer voor wil betalen. Dat is ook het model waarop Follow the Money gebaseerd is; de deelnemers aan deze nieuwssite zijn bereid het platform FTM te steunen omdat ze een deel van de nieuwsvoorziening de moeite en het geld waard vinden.

Die destination content moet omringd worden door een breed aanbod aan supporting content. In de supermarkt zijn dat al die alledaagse boodschappen die overal te koop zijn. In de winkel wordt gevolgd welke routes de klant loopt en wat hij mee naar huis neemt: de basket analyses.

Mather kijkt naar conversion paths waarin te zien is wat er vooraf ging aan de transactie. Ook is vastgesteld welke berichten engagement bevorderen bij bestaande abonnees. Redacties kunnen daardoor ondersteunende functies toekennen aan content die niet direct converteert. Maar het is uiteraard wel goed voor de krant als er ook best-sellers geproduceerd worden.

Yielnalisten

Wat zijn de kenmerken van die 9% bij Dallas Morning News? Om te beginnen bleek de helft van alle converterende content geschreven door ruwweg een vijfde van alle auteurs. De verkoopkracht van medewerkers speelt wel degelijk een rol bij hun beoordeling. Maar volgens Mather werkt dat egaliserend, omdat andere factoren zoals bijvoorbeeld senioriteit daardoor minder van belang zijn.

Lezers blijken een voorkeur te hebben voor lokaal en uniek nieuws, dat is geen verrassing. Populaire thema’s zijn misdaad, de huizenmarkt, consumptiezaken, populaire sport in de stad en schoolnieuws. De analisten ontdekten bovendien speciale niches. Onderwerpen die op zich marginaal zijn, maar wel elk een eigen fanbase hebben die bereid is om te betalen. Opgeteld zijn zulke niches goed voor een aanzienlijk deel van de betalende lezers. Een voorbeeld is schoolvoetbal en andere schoolsporten. Ook onderzoeksjournalistiek gericht op lokale kwesties verkoopt goed.

Nieuw redactiebeleid

Wat draagt niet bij aan conversie?

  • landelijk nieuws
  • internationaal nieuws
  • kunst (art & life)
  • opinie en columnisten
  • profielen
  • business news

De redactie van Dallas Morning News beseft uiteraard dat zulke resultaten anders zijn bij landelijke nieuwsmedia dan bij een lokale krant. Bovendien spelen seizoeneffecten een rol, en veranderende interessen bij lokale lezers.

Voor de redactie betekende deze bevindingen dat er een einde is gemaakt aan job-rotatie, waarbij jonge redacteuren van de ene deelredactie naar de volgende gepromoveerd werden. Ook wordt er nu geëxperimenteerd met prestatiebeloning van freelancers die goed scoren met specifieke bijdragen.

In het redactiebeleid is bovendien meer aandacht voor content van lokaal belang, terwijl er minder tijd wordt besteed aan landelijk en internationaal nieuws. Er is ruimte om nieuwe thema’s te verkennen en er zijn meer mensen vrijgemaakt om als lokale nieuwsjagers te fungeren. Bij verdere analyse wordt nu bovendien gekeken naar de lifetime value van content; heeft de long tail ook conversie-kracht?

Mather & NRC

De Amerikanen werken al langere tijd voor NRC. Sinds 2017 Mediahuis en Mather zelfs een joint-venture in Amsterdam waar twee mensen werken voor Europese opdrachtgevers.

Biebshops

De bibliotheek is een oude rot in de deel-economie. Wat voor internet-investeerders een nieuwe trend is, was al lang bekend bij de uitleners in de boekenbranche. Maar verkoopt de bibliotheek ook weleens iets. Waar zijn de biebshops?

Er is vast wel een ambitieuze bibliotheekbestuurder die met het voorstel kwam: waarom openen we geen winkeltje bij onze druk bezochte boekenuitstalling? Zo eentje die leesbenodigdheden verkoopt en andere media onder de aandacht brengt. Waarop een andere bestuurder waarschijnlijk nuchter reageerde: verkopen is geen core business. En het kan per saldo geld kosten. Dat risico nemen we beter niet.

Laten we eens kijken hoe die belangenafweging afgelopen is. Waar zijn de winkeltjes? De bibliotheek in Huizen heeft er eentje. Die verkoopt leesbrillen, boekenleggers, kunstkalenders en Delfts Blauwe tasjes. De bibliotheek Helmond-Peel heeft een onderwijswinkel. Bij de bibliotheek in Veenendaal heeft de stadswinkel onderdak gevonden.

Olifantenpaadje

De webshop van de bibliotheek Helmond-Peel maakt gebruik van op-shop, een online winkelprogramma van Olifantenpaadje uit Eindhoven. Dit bureau is gespecialiseerd in webwinkels voor culturele instellingen. Nu zijn dat vooral bibliotheken, maar waarom niet ook theaters, musea en concertpodia?

We tellen een slordige 27 bibliotheken in het klantenbestand van Olifantenpaadje. Het merendeel gebruikt de web-app om activiteiten onder de aandacht te brengen. Bijeenkomsten, taalclubs, bezigheden voor kleuter, peuters en het onderwijs. Maar ook leescampagnes zoals Kilometerlezen. Doorgaans gratis, maar de bibliotheek Dommeldal verkoopt ook tickets voor events, bijvoorbeeld in een lokale Kasteelhoeve. Dan heb je ook wat!

Grote steden

Eindhoven is een grote stad, maar wat gebeurt er elders. De bieb in Amsterdam (OBA) heeft geen winkel, maar wel een compleet restaurant aan de Oosterdijk. Bovendien verhuurt OBA ook zalen voor evenementen, net als de bieb in Rotterdam. In Den Haag koppelen ze kortingsacties aan de bibliotheekkaart. En Utrecht bereidt zich voor op de nieuwe vestiging in het voormalige postkantoor aan Neude. Komt daar ook horeca in? Of een biebshop?

muji-copycats

In China zijn enkele nieuwe retail-formules ontstaan die zich spiegelen aan Muji in Japan. De oprichters zijn vaak geïnspireerd door Nordic design (IKEA, H&M, Cos) maar ze kijken ook naar Hema in Nederland. Betaalbare basics en alledaags design. Spoedig ook in een Nederlandse winkelstraat?

Miniso LampDe winkelketen Miniso presenteert zich als het initiatief van een Chinese ondernemer en een Japanse ontwerper uit Tokio. De keten zou sinds 2011 zijn uitgegroeid tot een gigant met een omzet van 2,5 miljard dollar in 4800 winkels. Een aantal van die winkels staat in de VS, en sinds vorig jaar ook in Spanje, Ierland en Duitsland. Afgelopen najaar deed Miniso mee aan de beurs Maison & Objet in Parijs, waar circa veertig eigen designs getoond werden. Onlangs is de eerste winkel in Londen geopend, waar Miniso zich potsierlijk positioneert als Japans.

Tea at OCEEen andere nieuwe lifestyle retailer uit China is OCE. Deze formule is zo’n beetje IKEA + H&M: mode en woonwaren met een Nordic signatuur. OCE staat voor Objects, Clothes, Experiences. Deze retailer doet niet moeilijk over zijn afkomst. De tweetalige site is een dot-cn. Maar de modellen die de kleding tonen zijn wel Europees. En veel design komt uit Scandinavië. OCE heeft eind 2019 een slordige zestig vestigingen in China. Van internationale ambities is (nog) geen sprake.

Lipstick at NOMEEn dan is er nog NOME, een andere Chinese formule die zich baseert op de combinatie van Zweeds design en een Chinese supply chain. NOME heeft een breed assortiment (meer dan 3000 stock keeping units) variërend van mode en meubels tot skincare en food. Er zijn meer dan 300 vestigingen in China en de eerste overzeese pilot stores worden voorbereid. NOME wil naar Londen.

Design in Europe & Made in Asia

De online aanwezigheid van deze formules is beperkt, maar misschien onttrekt zich dat aan de blik van buitenlanders omdat ze hun webshops koppelen aan WeChat, toegankelijk voor smartphones in China.

De betrokken ondernemers baseren hun formules op ketens zoals IKEA en MUJI die al in China actief zijn. De Japanse onderneming MUJI heeft daar last van, want de inkoop van deze winkelketen is veel duurder. En dus zijn de verkoopprijzen ook hoger. MUJI heeft jaren van winstgevende groei achter de rug, maar de laatste cijfers zijn wat minder florissant. MUJI gaat daarom zijn sourcing aanpassen.

De combinatie van Design in Europe & Made in Asia hoeft zich niet te beperken tot de Nordic regionen. Ook voor onze HEMA is dat een aanlokkelijk alternatief. Er is veel venture capital voor deze Chinese groeiformules. Misschien kan HEMA Amsterdam zich associëren met HEMA Hongkong.

Op 13 november wordt bekend dat Blokker-eigenaar Michiel Witteveen een franchise heeft genomen op Miniso en vestigingen gaat openen in Amsterdam, Rotterdam en Eindhoven. Witteveen verwacht dat de keten zal uitgroeien tot een stuk of vijftig winkels.

Arnold & Vincent

Arnold Hendrik Koning was niet alleen een tijdgenoot van Vincent van Gogh; hij was ook lotgenoot en zelfs huisgenoot van de geniale schilder. Als kostganger verbleef hij enkele maanden bij Vincent’s broer Theo in Parijs. Nol sliep in Vincents oude bed. Later stuurden ze brieven over en weer. Het werk van AHK leent zich om dat van Vincent te begrijpen.

Er zijn veel klassieke naturalistische schilderijen van Arnold Hendrik Koning (1860-1945) in omloop. Maar er bestaan ook intuïtief gemaakte, kleurrijke impressionistische werken. Niet met de intense kleuren en pulserende nachten die Vincent in Zuid-Frankrijk beleefde, maar geraakt door het ietwat mistige licht dat in Nederland het landschap bestrijkt. Het paars van de heide, het groen van de velden, heiig blauw in de luchten. Een paard, een boer, een molen erin, bestaande uit enkele lukrake streken.

Werk van AHK is opgenomen in de collecties van verschillende musea. In het Van Gogh Museum, uit de nalatenschap van Theo. Maar ook bij Kröller-Müller, het eerste onderdak voor Van Gogh’s kunst. In het gemeentehuis van Barneveld is een permanente expositie van zijn werk.

Vergelijkingsmateriaal

Koning woonde en werkte in Ede, Barneveld, Nunspeet en Voorthuizen, dus hij past in het nabije Kröller-Müller museum. Maar hij hoort ook bij Vincent. Nol heeft vergelijkbare vaardigheid en hij gebruikte dezelfde materialen; hij had alleen niet de briljante gekke kop en woeste hand die zijn vriend wel had. Zijn ezel stond op de Veluwe, niet in Arles. Het werk van Arnold levert echter wel vergelijkingsmateriaal op. Dat illustreert het verhaal van Vincent.

AHK Paard en WagenVandaar dat ik met kwispelende staart een schilderij op een online veiling volg. Het is een AHK volgens de aanbieder. Een paard met een kar op een veld, in impressionistische stijl. Let op het licht, en de schaduwen van het paard. Maar het zijn vooral de kleuren die me trekken. Koning heeft een blauwe hemel gemaakt, met het wit van wolkenstreepjes. Niet het harde blauw van Van Gogh, maar er is toch verwantschap.

AHK BoerenerfEen half uur voor het einde van de veiling staat de prijs op zeventig euro. Elf seconden voor de afloop slaat de site op tilt. Mijn hogere bod verdwijnt in het niets.

Een gemiste kans, want bij Simonis-Buunk is een prachtig schilderij van Koning te koop dat vijftig keer zoveel moet opbrengen. Kijk naar die bloesem!

Op dezelfde online veiling wordt een paar weken later een potloodtekening van Koning geveild voor 125 euro. Dat soort werk boeit me niet. Al die boerderijtjes en heidetafereeltjes zijn gemaakt voor de buren. Ook bij de Konings moest het brood op de plank verdiend worden. Het wordt pas  spannend als Koning zijn dagen in Parijs herbeleeft, zijn korte kennismaking met de grote kunst. Dan durft hij ineens weer even echt schilder te zijn. Dan krijgt zijn werk een woeste streek. Al zal hij nooit een Van Gogh worden.

Zaagt

Arnold Hendrik Koning is geboren op 2 april 1860 te Winschoten op het kasteeltje De Burcht te Wedde (Groningen). Na zijn gymnasiumopleiding bezocht hij de kunstacademies in Amsterdam en Den Haag. In 1887 ontmoette Arnold op zeventienjarige leeftijd tijdens een studieverblijf van zeven maanden in Parijs de broeders Van Gogh. Met Vincent heeft Arnold een uitgebreide correspondentie gehad. Die schrijft vanuit Arles naar Nederland: “Ik wou ge de kleur van hier zaagt…” Aan zijn broer vraagt Vincent tegelijkertijd of hij het bed van Nol naar Arles kan laten verschepen.

In december 1887 organiseerde Vincent in Grand Bouillon-Restaurant du Chalet een expositie met kunst uit zijn directe vriendenkring: Louis Anquetin, Émile Bernard, Henri de Toulouse-Lautrec en Arnold Hendrik Koning. Deze kunstenaars van de zogenaamde Petit Boulevard boden een alternatief voor schilders van de Grand Boulevard zoals Degas, Monet en Renoir. Ze zochten naar een vervolg op het gearriveerde impressionisme.

Van Gogh en KoningEr is een foto uit die tijd gevonden bij een estate sale in Zuid-Frankijk. Links met pet is Koning te zien, naast hem zou Vincent zitten, met baard en pijp. Helemaal rechts bevindt zich Paul Gauguin; links voor Arnold zit de schilder Émile Bernard. Experts van het Van Gogh Museum menen dat het Vincent niet is, maar de samenloop van omstandigheden (de expositie) is wel treffend.

Er was tevens sprake van een ruil tussen de twee schilders: twee tekeningen van Vincent voor één studie van Arnold. In de nalatenschap van Theo van Gogh werden diverse Konings aangetroffen, die de schilder vanaf de Veluwe naar Parijs had gestuurd in de hoop Franse kopers te interesseren. Zo is een Koning in het Van Gogh Museum terecht gekomen.

Invloed

Heide AHKKoning is door Van Gogh persoonlijk beïnvloed. Het effect op zijn oeuvre verdient echter meer aandacht. Hij werkte onder andere in de omgeving van Amsterdam, in Overijssel en in verschillende plaatsen op de Veluwe. Zijn portfolio is veelzijdig: olieverven, aquarellen, etsen en vooral ook tekeningen. Aanvankelijk schilderde hij veel figuren, later ging hij over op de landschapskunst.

Van Gogh stierf in 1890 op 37-jarige leeftijd. Koning werd 85. Hij overleed na een val van de trap in 1945. Hij moet meegemaakt hebben dat zijn vriend Vincent steeds bekender werd, terwijl hij zelf op latere leeftijd als keuterboer op de Veluwe in zijn bestaan moest voorzien. In 1938 werd op fietsafstand het museum Kröller-Müller geopend, nadat de Van Gogh-collectie jaren in Wassenaar te zien was geweest. Hoe dat Koning beïnvloed heeft, is niet bekend.

Basiliek in Amsterdam

Er staat een kasteel te koop. Dat is de naam die de aanbieder van het schilderij op de online veiling aan het bouwwerk gaf dat overduidelijk een kerk is. Een vaag bekende kerk aan het water, begin 20e eeuw op het doek vereeuwigd, aan de boten te zien.

St_Nicolaaskerk anno 1900De eerste zoekactie op Google is meteen raak. Het is de Basiliek van de Heilige Nicolaas aan de Prins Hendrikkade in Amsterdam. Gaan we kijken wie dat imposante bouwwerk aan het begin van de 20e eeuw zoal op het doek heeft gezet, dan blijven een aantal schilders over als mogelijke makers. Of kunstenaars die namakers geïnspireerd hebben.

Nicolaaskerk door Kees van Waning

Zo heeft Kees van Waning (1861-1921) de basiliek geschilderd toen er nog geen bomen voor stonden. Deze Haagse schilder sloot zich aan bij een groepje kunstenaars dat eind 19e eeuw in de buitenlucht werkte, onder andere Breitner. Waning heeft veel riviergezichten gemaakt in de omgeving van Den Haag, Rotterdam en Amsterdam. Zijn afbeelding van de Nicolaaskerk haalde op een online veiling niet het gewenste minimumbedrag.

Nicolaaskerk door VreedenburghEr zijn ook schilderijen van Cornelis Vreedenburgh (1880-1946) waarop een vergelijkbaar zicht op Amsterdam te zien is. Deze landschapschilder reisde al naar St Tropez toen dat nog een visserplaatsje was. Vreedenburgh werd gefascineerde door water. Dit schilderij met de Nicolaaskerk uit 1936 wordt nu aangeboden door Simonis & Buunk voor een aanzienlijk bedrag.

Dan is er nog Adriaan Terhell (1863-1926) die deze basiliek vereeuwigd heeft op het linnen. Niet het niveau van Vreedenburgh. Terhell gebruikte ook de signaturen J. le Blanc en C. de Zeeuw als handelsnaam voor doorgaans gevraagde tafereeltjes. Decoratief schilderwerk voor aan de muur.

Cornelis de Bruin

Nicolaaskerk door Cornelis de BruinEen schilder die deze kerk talloze keren heeft vereeuwigd was Cornelis de Bruin (1870-1940). Op een blog dat door een familielid is gemaakt, wordt vermeld dat de kunstschilder onderscheid maakte tussen werk dat hij een hoge kwaliteit toekende (getekend met Corns de Bruin ft) en werk om de kas te spekken. Dat tekende hij met Van Wijck als het ramsj was. Hij gebruikte ook de naam Hindenberg voor Duitse kopers.

Ook werd ongetekend werk van De Bruin gekocht door handelaars als Jan Kelderman en Henk Welther die er eigen namen op plaatsten. Welther en zijn twee broers zouden hetzelfde gedaan hebben met kunst van Arnoud van Gilst, Henk Schallenberg en Jan en Aris Knikker. Deze broers gebruikten ook de namen H. Endlich of W. Markenstein als signatuur. Dit soort handelaren reden in die dagen met paard en wagen door de stad, om schilderijen op afbetaling te slijten: 1 gulden per week, een jaar lang.

Nicolaasker - Nico BruynesteynNa de dood van Welther werd de praktijk van na-signeren voortgezet door vervalsers, wat het herleiden van zulke werken vrijwel ondoenlijk maakt. Die moeten gewoon op hun intrinsieke kwaliteit beoordeeld worden.

De naam Nico Bruynesteyn (1893-1950) lijkt een variant op De Bruin, maar het is toch echt een andere kunstschilder die de Nicolaaskerk op het doek heeft gezet.

Lichtval

Nicolaaskerk van De Bruin

Tussen de verschillende Nicolaaskerken van De Bruin worden enkele werken aangetroffen met een kiosk op de voorgrond. De schilder werkte met sjablonen, en deze lijkt een aantal keer herhaald in verschillende kleuren. Het silhouet van de basiliek is steeds hetzelfde en ook omgevingselementen keren terug. Alleen details in de omgeving verschillen. En de luchten natuurlijk. De luchten zijn elke keer nieuw.

kasteel is NicolaaskerkVraag is dan ook of het schilderij in de veiling de zoveelste De Bruin is in een andere kleurstelling, of een kopie van een tijdgenoot. De luchten zijn nogal gloeiend, wat bijna cartoonesk werkt. Letten we op de schaduw, dan heeft deze versie de zon op links, terwijl de andere basiliek licht van voren krijgt. Dat suggereert dan weer dat er geen copycat bezig is geweest. Een namaker die de zon verplaatst: dat is toch echt teveel gevraagd.

Nicolaaskerk van BankierEen andere kopie werd enkele jaren geleden geveild met een signatuur van een H.E. Bankier eronder. Dit was toch meer een ingekleurde potloodtekening, erg schools. Al valt wel op dat ook hier de lichtinval weer anders is, meer van rechts. Het blijft een puzzel.

Nicolaaskerk van Cornelis de BruijnEen andere versie van De Bruijn heeft fel zonlicht van rechts. Hier heeft de maker meer ruimte gemaakt voor lucht en water. Ook op dit werk zien we gloeiende kleuren, dus wellicht dat die andere kopie opknapt van een schoonmaakbeurt.

Ik was de hoogste bieder. De Dubro staat al klaar!