UA-118292059-1

Zamelwoede

Academie Julian

Wat maakt een naaktstudie een waardevol kunstwerk? Om te beginnen de kwaliteit van het werk zelf en de reputatie van de maker. Maar ook de schoonheid van het naakt en de decoratieve functie tellen mee. Als het dan ook nog eens in historische context te plaatsen is, wordt zo’n schilderij echt interessant.

Nude Academie JulianTussen eindeloze landschappen en stillevens trof ik onlangs op een online veiling een schilderij van een naaktmodel aan. Vaardig geschilderd, maar opvallend waren de kleurstelling die aan een vergeeld krantenbericht doen denken en de achtergrond die van het geheel bijna een grafisch kunstwerk maakt.

Het was ook een schilderij op redelijk groot formaat, dus alleen als decoratief stuk al waardevol. De expert verwachtte een prijs tussen de 300 en 400 euro.

Maar er was meer dat de aandacht trok. Het doek bleek gemaakt door de firma Dubus in Parijs. Daar kochten eind 19e eeuw veel impressionisten en post-impressionisten (zoals Van Gogh) hun benodigdheden. En als we naar de achtergrond kijken, lijkt het naaktmodel geschilderd op een plek waar meerdere schilders tegelijkertijd aan studies werkten.

Gallen in Academie JulianEven zoeken op Google levert al snel beelden op van de Academie Julian. Daar waren de muren bedekt met het werk van deelnemende kunstenaars. Dat plaatst dit werk op een belangrijke plek in een doorslaggevend tijdperk.

Deze academie heeft een eeuw bestaan, van 1868 tot 1968.

Sir Alfred Munnings

Een voorbeeld uit de academie is een schilderij van de Amerikaan Jefferson David Chalfant die Bouguereau’s Atelier als thema kiest. Bouguereau gaf les aan de Academie Julian. Hij was een naturalist, een romantisch realist (in eigen woorden) en een uitgesproken tegenstander van het impressionisme. De letters die in de geveilde naaktstudie gekrast zijn, lijken op de naam Bouguereau. Maar dan in verkeerde volgorde.

nude Alfred MunningsWe vinden ook een aantal naaktstudies van de Britse kunstschilder Alfred Munnings die op dezelfde academie lessen nam. Munnings maakte naam met paarden-portretten. Hij was aan het einde van zijn loopbaan zelfs president van The Royal Academy, waar hij zich in 1949 in een speech op BBC Radio fel keerde tegen vrijwel alle modernisten, met name Picasso en Matisse.

Zijn voormalige landhuis Castle House in Dedham (Essex) is nu een museum met honderden werken van Munnings. Betaald uit zijn eigen nalatenschap.

Atelier Courbet

In dezelfde veiling wordt een houtskoolschets van een naaktmodel aangeboden, ook een groter formaat. Op de achterzijde van het papier staat Atelier de G. Courbet, geen onbelangrijke referentie. Het lijkt met rood potlood opgeschreven, alsof de bestaande lijnen van een preeg- of een wasstempel aangedikt zijn.

Atelier G. CourbetDat is een bekend stempel, gebruikt door de schilder Gustave Courbet (1819-1877) die beroemd werd met zijn L’Atelier du Peintre als voorvechter van het realisme. Courbet had een atelier in Quartier Latin, Parijs.

In 1861 opende Courbet zijn atelier voor leerlingen, waar hij doceerde in de kunst van het weergeven van de realiteit. Maar deze opleiding werd een jaar later al gestaakt. Het is uiteraard mogelijk dat de leerlingen schetspapier gebruikten dat door de meester ter beschikking was gesteld. Maar dat is nog steeds een indrukwekkende afkomst voor een naaktschets.

De houtskoolschets kreeg een nieuwe eigenaar voor 118 euro; de olieverf bracht uiteindelijk 650 euro op. Dergelijke naaktstudies spreken uiteenlopende liefhebbers aan. Je hebt dan ook wel iets authentieks aan de muur. Of vakkundig werk van navolgers. Hoe dan ook: het verhaal achter het naakt is zeker zo interessant.

Arnold & Vincent

Arnold Hendrik Koning was niet alleen een tijdgenoot van Vincent van Gogh; hij was ook lotgenoot en zelfs huisgenoot van de geniale schilder. Als kostganger verbleef hij enkele maanden bij Vincent’s broer Theo in Parijs. Nol sliep in Vincents oude bed. Later stuurden ze brieven over en weer. Het werk van AHK leent zich om dat van Vincent te begrijpen.

Er zijn veel klassieke naturalistische schilderijen van Arnold Hendrik Koning (1860-1945) in omloop. Maar er bestaan ook intuïtief gemaakte, kleurrijke impressionistische werken. Niet met de intense kleuren en pulserende nachten die Vincent in Zuid-Frankrijk beleefde, maar geraakt door het ietwat mistige licht dat in Nederland het landschap bestrijkt. Het paars van de heide, het groen van de velden, heiig blauw in de luchten. Een paard, een boer, een molen erin, bestaande uit enkele lukrake streken.

Werk van AHK is opgenomen in de collecties van verschillende musea. In het Van Gogh Museum, uit de nalatenschap van Theo. Maar ook bij Kröller-Müller, het eerste onderdak voor Van Gogh’s kunst. In het gemeentehuis van Barneveld is een permanente expositie van zijn werk.

Vergelijkingsmateriaal

Koning woonde en werkte in Ede, Barneveld, Nunspeet en Voorthuizen, dus hij past in het nabije Kröller-Müller museum. Maar hij hoort ook bij Vincent. Nol heeft vergelijkbare vaardigheid en hij gebruikte dezelfde materialen; hij had alleen niet de briljant zotte kop en woeste hand die zijn vriend wel had. Zijn ezel stond op de Veluwe, niet in Arles. Het werk van Arnold levert echter wel vergelijkingsmateriaal op. Dat illustreert het verhaal van Vincent.

AHK Paard en WagenVandaar dat ik met kwispelende staart een schilderij op een online veiling volg. Het is een AHK volgens de aanbieder. Een paard met een kar op een veld, in impressionistische stijl. Let op het licht, en de schaduwen van het paard. Maar het zijn vooral de kleuren die me trekken. Koning heeft een blauwe hemel gemaakt, met het wit van wolkenstreepjes. Niet het harde blauw van Van Gogh, maar er is toch verwantschap.

AHK BoerenerfEen half uur voor het einde van de veiling staat de prijs op zeventig euro. Elf seconden voor de afloop slaat de site op tilt. Mijn hogere bod verdwijnt in het niets.

Een gemiste kans, want bij Simonis-Buunk is een prachtig schilderij van Koning te koop dat vijftig keer zoveel moet opbrengen. Kijk naar die bloesem!

Op dezelfde online veiling wordt een paar weken later een potloodtekening van Koning geveild voor 125 euro. Dat soort werk boeit me niet. Al die boerderijtjes en heidetafereeltjes zijn gemaakt voor de buren. Ook bij de Konings moest het brood op de plank verdiend worden. Het wordt pas  spannend als Koning zijn dagen in Parijs herbeleeft, zijn korte kennismaking met de grote kunst. Dan durft hij ineens weer even echt schilder te zijn. Dan krijgt zijn werk een wilde streek. Al zal hij nooit een Van Gogh worden.

Zaagt

Arnold Hendrik Koning is geboren op 2 april 1860 te Winschoten op het kasteeltje De Burcht te Wedde (Groningen). Na zijn gymnasiumopleiding bezocht hij de kunstacademies in Amsterdam en Den Haag. In 1887 ontmoette Arnold op zeventienjarige leeftijd tijdens een studieverblijf van zeven maanden in Parijs de broeders Van Gogh. Met Vincent heeft Arnold een uitgebreide correspondentie gehad. Die schrijft vanuit Arles naar Nederland: “Ik wou ge de kleur van hier zaagt…” Aan zijn broer vraagt Vincent tegelijkertijd of hij het bed van Nol naar Arles kan laten verschepen.

In december 1887 organiseerde Vincent in Grand Bouillon-Restaurant du Chalet een expositie met kunst uit zijn directe vriendenkring: Louis Anquetin, Émile Bernard, Henri de Toulouse-Lautrec en Arnold Hendrik Koning. Deze kunstenaars van de zogenaamde Petit Boulevard boden een alternatief voor schilders van de Grand Boulevard zoals Degas, Monet en Renoir. Ze zochten naar een vervolg op het gearriveerde impressionisme.

Van Gogh en KoningEr is een foto uit die tijd gevonden bij een estate sale in Zuid-Frankijk. Links met pet is Koning te zien, naast hem zou Vincent zitten, met baard en pijp. Helemaal rechts bevindt zich Paul Gauguin; links voor Arnold zit de schilder Émile Bernard. Experts van het Van Gogh Museum menen dat het Vincent niet is, maar de samenloop van omstandigheden (de expositie) is wel treffend.

Er was tevens sprake van een ruil tussen de twee schilders: twee tekeningen van Vincent voor één studie van Arnold. In de nalatenschap van Theo van Gogh werden diverse Konings aangetroffen, die de schilder vanaf de Veluwe naar Parijs had gestuurd in de hoop Franse kopers te interesseren. Zo is een Koning in het Van Gogh Museum terecht gekomen.

Invloed

Heide AHKKoning is door Van Gogh persoonlijk beïnvloed. Het effect op zijn oeuvre verdient echter meer aandacht. Hij werkte onder andere in de omgeving van Amsterdam, in Overijssel en in verschillende plaatsen op de Veluwe. Zijn portfolio is veelzijdig: olieverven, aquarellen, etsen en vooral ook tekeningen. Aanvankelijk schilderde hij veel figuren, later ging hij over op de landschapskunst.

Van Gogh stierf in 1890 op 37-jarige leeftijd. Koning werd 85. Hij overleed na een val van de trap in 1945. Hij moet meegemaakt hebben dat zijn vriend Vincent steeds bekender werd, terwijl hij zelf op latere leeftijd als keuterboer op de Veluwe in zijn bestaan moest voorzien. In 1938 werd op fietsafstand het museum Kröller-Müller geopend, nadat de Van Gogh-collectie jaren in Wassenaar te zien was geweest. Hoe dat Koning beïnvloed heeft, is niet bekend.

Basiliek in Amsterdam

Er staat een kasteel te koop. Dat is de naam die de aanbieder van het schilderij op de online veiling aan het bouwwerk gaf dat overduidelijk een kerk is. Een vaag bekende kerk aan het water, begin 20e eeuw op het doek vereeuwigd, aan de boten te zien.

St_Nicolaaskerk anno 1900De eerste zoekactie op Google is meteen raak. Het is de Basiliek van de Heilige Nicolaas aan de Prins Hendrikkade in Amsterdam. Gaan we kijken wie dat imposante bouwwerk aan het begin van de 20e eeuw zoal op het doek heeft gezet, dan blijven een aantal schilders over als mogelijke makers. Of kunstenaars die namakers geïnspireerd hebben.

Nicolaaskerk door Kees van Waning

Zo heeft Kees van Waning (1861-1921) de basiliek geschilderd toen er nog geen bomen voor stonden. Deze Haagse schilder sloot zich aan bij een groepje kunstenaars dat eind 19e eeuw in de buitenlucht werkte, onder andere Breitner. Waning heeft veel riviergezichten gemaakt in de omgeving van Den Haag, Rotterdam en Amsterdam. Zijn afbeelding van de Nicolaaskerk haalde op een online veiling niet het gewenste minimumbedrag.

Nicolaaskerk door VreedenburghEr zijn ook schilderijen van Cornelis Vreedenburgh (1880-1946) waarop een vergelijkbaar zicht op Amsterdam te zien is. Deze landschapschilder reisde al naar St Tropez toen dat nog een visserplaatsje was. Vreedenburgh werd gefascineerde door water. Dit schilderij met de Nicolaaskerk uit 1936 wordt nu aangeboden door Simonis & Buunk voor een aanzienlijk bedrag.

Dan is er nog Adriaan Terhell (1863-1926) die deze basiliek vereeuwigd heeft op het linnen. Niet het niveau van Vreedenburgh. Terhell gebruikte ook de signaturen J. le Blanc en C. de Zeeuw als handelsnaam voor doorgaans gevraagde tafereeltjes. Decoratief schilderwerk voor aan de muur.

Cornelis de Bruin

Nicolaaskerk door Cornelis de BruinEen schilder die deze kerk talloze keren heeft vereeuwigd was Cornelis de Bruin (1870-1940). Op een blog dat door een familielid is gemaakt, wordt vermeld dat de kunstschilder onderscheid maakte tussen werk dat hij een hoge kwaliteit toekende (getekend met Corns de Bruin ft) en werk om de kas te spekken. Dat tekende hij met Van Wijck als het ramsj was. Hij gebruikte ook de naam Hindenberg voor Duitse kopers.

Ook werd ongetekend werk van De Bruin gekocht door handelaars als Jan Kelderman en Henk Welther die er eigen namen op plaatsten. Welther en zijn twee broers zouden hetzelfde gedaan hebben met kunst van Arnoud van Gilst, Henk Schallenberg en Jan en Aris Knikker. Deze broers gebruikten ook de namen H. Endlich of W. Markenstein als signatuur. Dit soort handelaren reden in die dagen met paard en wagen door de stad, om schilderijen op afbetaling te slijten: 1 gulden per week, een jaar lang.

Nicolaasker - Nico BruynesteynNa de dood van Welther werd de praktijk van na-signeren voortgezet door vervalsers, wat het herleiden van zulke werken vrijwel ondoenlijk maakt. Die moeten gewoon op hun intrinsieke kwaliteit beoordeeld worden.

De naam Nico Bruynesteyn (1893-1950) lijkt een variant op De Bruin, maar het is toch echt een andere kunstschilder die de Nicolaaskerk op het doek heeft gezet.

Lichtval

Nicolaaskerk van De Bruin

Tussen de verschillende Nicolaaskerken van De Bruin worden enkele werken aangetroffen met een kiosk op de voorgrond. De schilder werkte met sjablonen, en deze lijkt een aantal keer herhaald in verschillende kleuren. Het silhouet van de basiliek is steeds hetzelfde en ook omgevingselementen keren terug. Alleen details in de omgeving verschillen. En de luchten natuurlijk. De luchten zijn elke keer nieuw.

kasteel is NicolaaskerkVraag is dan ook of het schilderij in de veiling de zoveelste De Bruin is in een andere kleurstelling, of een kopie van een tijdgenoot. De luchten zijn nogal gloeiend, wat bijna cartoonesk werkt. Letten we op de schaduw, dan heeft deze versie de zon op links, terwijl de andere basiliek licht van voren krijgt. Dat suggereert dan weer dat er geen copycat bezig is geweest. Een namaker die de zon verplaatst: dat is toch echt teveel gevraagd.

Nicolaaskerk van BankierEen andere kopie werd enkele jaren geleden geveild met een signatuur van een H.E. Bankier eronder. Dit was toch meer een ingekleurde potloodtekening, erg schools. Al valt wel op dat ook hier de lichtinval weer anders is, meer van rechts. Het blijft een puzzel.

Nicolaaskerk van Cornelis de BruijnEen andere versie van De Bruijn heeft fel zonlicht van rechts. Hier heeft de maker meer ruimte gemaakt voor lucht en water. Ook op dit werk zien we gloeiende kleuren, dus wellicht dat die andere kopie opknapt van een schoonmaakbeurt.

Ik was de hoogste bieder. De Dubro staat al klaar!

Notre Dame

Is dat de Notre Dame? Van de voorkant bezien, op een besneeuwde avond. Vastgelegd op linnen aan het begin van de 20e eeuw, oude trams en heren met hoeden in beeld. Of is het een cartooneske kopie van later datum?

De aanbieder op de online veiling stelt dat de maker onbekend is. Het schilderij heeft geen signatuur. De expert (het is altijd dezelfde) kan het werk niet goed plaatsen en plakt er een waarde van een paar honderd euro op. Dat is waarschijnlijk de standaard adviesprijs voor een decoratief stuk in een mooie lijst. Kan je niet op stuk gaan.

De Notre Dame is al lang een geliefd schildersobject. Het zicht op de voorzijde is door meer schilders gekozen, ergens op de Quai de Montebello aan de Seine. Waar les bouquinistes staan, met hun boekenstalletjes langs het muurtje. De winteravond met sneeuw en lichtjes maakt het tafereel sprookjesachtig. Eind 19e eeuw met paarden en koetsjes. Een paar jaar later ook klassieke auto’s, die eigenlijk naar koetsen geboetseerd zijn.

Schilders

Notre Dame Georges_SteinHet was ook een favoriet stekje voor Georges Stein (1870-1955), schilder van de Belle Epoque. Stein vertoefde graag in grote steden. Ze maakte vergelijkbare taferelen in Londen. Liefst nam ze nog even een bloemenkraam mee. Haar werk heeft vaak een illustratieve kracht, alsof het een verhaal begeleidt. Stein heeft honderden stadsgezichten gemaakt, die nog steeds goed verkopen. In haar eigen tijd werd ze niet als meester erkend, misschien juist vanwege dat illustratieve. Volgens sommige bronnen was Georges een man.

Notre Dame Childe_HassamOok Frederick Childe Hassam (1859-1935) zat graag aan de Seine met zicht op de Notre Dame. Childe Hassam was een Amerikaan die in 1886 vanuit Boston naar Parijs reisde om zich daar als schilder verder te bekwamen in de omgeving van roemruchte impressionisten en de Barbizon-traditie. Hij had twee jaar eerder ook al enkele maanden in Holland doorgebracht, om de oude meesters te bekijken. Zijn achternaam suggereert een oosterse afkomst, maar het was simpelweg een spelfout in het burgerlijk register toen zijn grootvader Horsham in de VS arriveerde. Childe hanteerde het als een geuzennaam en tekende een halve maan in zijn signatuur. Hassam was gefascineerd door regen, mist en sneeuw.

We mogen bovendien Luigi Loir (1845-1916) niet vergeten. Die groeide op in het buitenland, als zoon in een diplomatengezin. Op zijn twintigste keerde hij terug naar Parijs, waar de modernisering van de stad een belangrijke bron van inspiratie werd. Behalve als kunstschilder was Loir ook actief als illustrator en reclametekenaar. Hij heeft veel stadsgezichten gemaakt, waarbij de werking van het licht in regen of sneeuw een belangrijke extra dimensie toevoegde. Maar dit zich op de Notre Dame is van hem niet bekend.

Notre Dame Edouard_Cortes

De Franse schilder met Spaanse ouders Edouard Léon Cortès (1882-1969) verdient zeker ook genoemd te worden als schilder van de Notre Dame. Al op zijn 17e werd Cortes erkend als een talent, maar de echte waardering ontstond pas in 1945 na een tentoonstelling in Amerika. Werk van deze schilder duikt nog steeds op in kringloopwinkels en nu ook online veilingen. Cortes maakte veel decoratieve stadstaferelen van Parijs.

Copycats

Notre Dame Jean_SalabetJean Salabet (1900-?) is van later datum. Deze Franse kunstschilder beeldt koetsen en klassieke auto’s af die hij alleen in zijn kindertijd heeft zien rijden. Een navolger dus. Maar een vaardige navolger. Hij tekende met Salabet Paris, net zoals HEMA in het buitenland Amsterdam aan zijn naam heeft toegevoegd. Een goede Salabet hang je in huis voor een paar duizend euro.

Een andere kunstenaar die veel gekopieerd lijkt te hebben van voornoemde schilders is Antoine Blanchard (1910-1988), een pseudoniem van de schilder Marcel Masson. Deze bekwame kunstenaar gebruikte ook oude ansichtkaarten als inspiratiebron om het verleden nieuw leven in te blazen. Op zijn werk zien we het Parijs van de eeuwwisseling afgebeeld. Ook hier weer veel regen, sneeuw en mist. Het is serie-productie. Leuk als decoratie; vaardig gemaakt, maar geen kunst.

Notre Dame veilingHet schilderij op de veiling doet denken aan het werk van Antoine Blanchard. Die kopieerde immers elementen uit schilderijen van de reeds genoemde Edouard Cortes, maar ook van Eugène Galien-Laloue (1854-1941), een schilder met Italiaanse voorvaders.

Notre Dame Galien-LaloueEn verrek. We hebben het origineel gevonden: Notre Dame sous la Neige, inderdaad een werk van Galien-Laloue. Meteen valt op hoe ontzettend veel beter de eerste echte versie is. Meer detail, meer verfijning, meer beleving. De kopie wordt ineens een plat aftreksel. De beunhaas heeft het tafereel bovendien versimpeld. De kopie toont geen officier. Er lopen andere mensen op de stoep. De kathedraal is minder goed afgebeeld. Op de online veiling bracht het 160 euro op. Toch niet veel geld voor zo’n wanddecoratie.

Nou was Galien-Lalou (tevens actief als Lievin, Galiany, Lenoir en Dupuy) zelf ook niet vies van enig kopieerwerk. Hij heeft zijn eigen Notre Dames talloze keren opnieuw gemaakt, met dezelfde trammetjes maar in verschillende seizoenen. We zetten ze even op een rijtje. Kan zijn dat er een enkele vervalsing tussen zit. Daarna volgt een rijtje van Cortes, een stuk of tien vanuit ongeveer dezelfde hoek.

Notre Dame Laloue Notre Dame Galien-Laloue

En dan de serie van Cortes vanuit een iets andere hoek. Allemaal even indrukwekkend.

Notre Dame by Edouard CortesNotre Dame by Edouard CortesNotre Dame by Edouard CortesNotre Dame by Edouard CortesNotre Dame by Edouard CortesNotre Dame by Edouard CortesNotre Dame by Edouard CortesNotre Dame by Edouard Cortes

Tamboeren

Het oog wordt meteen getrokken door het sterke beeld van een trommelaar met zijn hangende drum en een uniform dat meeplooit met zijn slagen. Weer zo’n schilderij op een online veiling dat nader onderzoek verdient.

de tamboerDe expert van de veiling vindt deze tamboer een paar honderd euro waard. De lijst om het schilderij kan genegeerd worden, maar het paneel suggereert toch enige leeftijd. De afbeelding is gemaakt met rake, wilde streken van penseel en paletmes. Het schilderij is zeker decoratief, maar is het niet een kopie van een veel sterker origineel?

Le Tambour Isaac IsrealsDe ervaring leert dat zo’n werk op een online veiling meestal lukrake namaak is van een beter schilderij. En inderdaad, een beetje zoeken levert een treffer op bij kunsthandel Ivo Bouwman, nu in particulier bezit: Le Tambour van Isaac Israels. Gemaakt in 1882 toen de schilder 17 was. Als studie voor het latere werk Transport der Kolonialen. Ook olieverf op een paneel. Zelfs de maten komen ruwweg overeen. Alleen voor de schaduw had de namaker geen geduld. De trom ontbeert glans. Vergelijk ook eens de stand van de voeten. Desondanks geen onverdienstelijke kopie.

Heeft de expert van de veiling dit niet gezien? De verkoper Artpoint Amsterdam* doet alsof hij van niks weet. “Heeft de kwaliteit van een schilder als Isaac Israels.” Als die dacht dat het een echte Israels zou kunnen zijn, werd het niet voor 1 euro startprijs aangeboden. Het schilderij vond een nieuwe eigenaar voor 180 euro.

Kröller Müller

Het meesterwerk Transport der Kolonialen van wonderkind Isaac hangt in het Kröller Müller museum, een enorme lap van 3 bij 1,60 meter groot. De tamboer op dat werk is veel gedetailleerder. Dat schilderij is onderdeel van een serie, want ook in Museum Rotterdam hangt een afbeelding van vertrekkende KNIL-soldaten, onder begeleiding van de marechaussee.

Israels zou pas later een impressionistische stijl ontwikkeld hebben, maar deze studie suggereert dat hij ook als zeventienjarige al een trefzekere kwast had. Of waren het toch meerdere studies?

[naschrift] * Een dag nadat dit bericht online geplaatst is, meldt Artpoint op Facebook dat er overeenkomsten zijn. Wat een gehaaide handelaar is dat. Het trucje om te suggereren dat er een bekende kunstenaar bij betrokken is, wordt vaker gebruikt om de prijs op te drijven. Ik ga er speciaal op letten nu.

Delpy’s Klaprozen

Klaprozen hebben voor Britten een belangrijke betekenis. Het zijn de bloemen die bloeien op de slagvelden van de Eerste Wereldoorlog. Wanneer die oorlog herdacht wordt, draagt het hele verenigd koninkrijk poppies als teken van rouw en herinnering. Plastic klaprozen.

Die slagvelden van de Eerste Wereldoorlog liggen in Vlaanderen. De Franse schilder Henry-Jacques Delpy (1877-1957) heeft enkele fraaie stillevens gemaakt van klaprozen in een gouden vaas. Een aantal daarvan is in Engeland terecht gekomen, omdat de Britten er een hoge symbolische waarde aan toekennen.

Delpy is vooral bekend van zijn landschappen in stijl van de Barbizon school, een voorloper van het impressionisme. Veel werk en plein air, in de buitenlucht. In de landschappen van Delpy is al een impressionistische kijk zichtbaar in de bomen, de luchten en het water. Een mooi landschap van Delpy is een paar duizend euro waard.

Klaprozen

Dat werd in het jaar 2000 ook betaald voor een stilleven met klaprozen dat geveild werd bij Christies in Londen. Nadien zijn er meer vergelijkbare stukken aangeboden op de kunstmarkt. Een tweede op een onbekende veiling in 2013. De derde uit Frankrijk online voor een paar honderd euro; een vierde uit Engeland online nu voor enkele tientjes. Deze laatste wordt snel doorverkocht, want het schilderij is enkele weken eerder geveild via eBay voor vijftig pond. De eerste drie schilderijen zijn relatief groot; de vierde meet 14×18 cm. Een liefhebber betaalde deze keer 149 euro.

Het tafereel zelf vertoont veel overeenkomsten. De bloemen, hun schikking, het groen, de goudkleurige vaas, de tafel. In het eerste twee schilderijen ligt een klaproos op tafel. Dat hebben de andere twee niet. De vaas verschilt sterk op elk schilderij. Ook het groen ziet er telkens anders uit. De schilderijen lijken niet van dezelfde hand. Maar welke zijn dan namaak? En wat denken de namakers te bereiken? Zijn die paar honderd euro opbrengst nou echt die moeite waard? In Luxemburg zit een copycat die meent van wel.

Of zijn ze alle vier echt? Varianten op één thema. Een studie en drie werken voor de verkoop? Ze hebben allemaal een zekere charme.

En toen kwam ik de vijfde variant tegen op een veiling in Cannes, verkocht in 2013. Nou vind ik ze ineens allemaal nepperig

Delpy Pavots 1poppies 2Delpy Pavots 2Delpy Pavots 3coquelicots 5

bodegon

In de Spaanse schilderkunst ontstond mid-zeventiende eeuw een stijl van stillevens die als bodegon omschreven wordt. Het betreft doorgaans keukentaferelen met fruit, vis, groenten en bloemen tegen een duistere achtergrond. Deze Spaanse variant was geïnspireerd door kunst uit de lage landen waar ook donkere stillevens oftewel inanimati gemaakt werden. De Vlaamse en Nederlandse schilders etaleerden hun vaardigheid in stofuitdrukking: glas, aardewerk, linnen, druiven. De Spaanse schilders maakten graag keukenstukken met onbewerkte ingrediënten.

Een bekende bodegon-schilder was Luis Egidio Mendelez, een meester in de weergave van verschillende texturen en lichtval. Deze Luis werd in 1716 geboren in een Spaanse soldatenfamilie in Napels (Italië). De vader van Luis werd aangesteld aan het Spaanse hof als schilder van miniaturen die werden uitgedeeld als relatiegeschenk aan diplomaten. Luis ontwikkelde zich tot een specialist in stillevens. Tussen 1759 en 1772 maakte hij ruim veertig bodegons voor de collectie van de prins van Asturias, die later koning Charles de 14e van Spanje werd.

Op een online veiling trof ik een Spaanse bodegon aan die in de 19e eeuw gemaakt zou zijn door een desconocido, een onbekende schilder. Mijn bod was het hoogste, nog geen honderd euro. Misschien zat ik weer te bieden op een vaardig stuk namaak, maar ik blijf zulk werk waardevoller vinden dan posters van IKEA. Soms is de lijst alleen al zo’n bedrag waard. De verkoper had een hogere limiet ingesteld, dus het werk blijft vooralsnog in Spanje.

Mijn gemiste bodegon is de eerste in de serie; vergelijk ‘m eens met het werk van Mendelez. Je ziet de hand van de meester echt.

Naschrift: een paar maanden later is het schilderij opnieuw in de aanbieding. Deze keer bereikten bieders wel een prijs boven de limiet. Het werk ging voor 250 euro naar een nieuwe eigenaar.

bodegonbodegonbodegonbodegonbodegonbodegonbodegonbodegonbodegonbodegon

 

 

Tureluurs

De Amerikaanse kunstschilder Frank Weston Benson had meerdere muzes in eigen huis. Zijn dochters Eleanor, Elizabeth en Sylvia verschijnen op menig tafereel, doorgaans gekleed in lichte zomerjurken turend naar de zee. Veel van deze werken zijn gemaakt aan de kust bij Penobscot Bay in Maine, waar de Bensons een buitenhuis hadden: Wooster Farm.

Benson wordt omschreven als Amerikaanse impressionist. Hij verbleef eind 19e eeuw enkele jaren in Frankrijk, voordat hij terugkeerde naar Maine. De kunstenaar was een fan van het licht van Vermeer, maar hij had een voorkeur voor de zwierige kwast van Monet. In 1909 maakt hij het schilderij Summer van vier dames aan zee. Als afgeleide maakt Benson nog drie schilderijen. Vergelijk deze werken met andere schilderijen en je herkent de dochters Eleanor, Elizabeth en Sylvia.

summereleanordaughtersdaughters

Hier is goed te zien dat Benson kenmerkende beelden herhaaldelijk opnieuw op het doek heeft gezet. Hij speelt met de compositie en experimenteert met de lichtval op het hoofd en de jurk van zijn dochter. Misschien zijn het voorstudies, mogelijk zijn het nakomertjes. Linksom of rechtsom: een Eleanor speurend naar vergezichten is een prachtig tafereel.

Eleonoradaughters

Voor de liefhebber is er nu een evenbeeld te koop op een online veiling. De verkoper (een professionele handelaar) schrijft het toe aan een onbekende schilder en de twee meekijkende taxateurs hebben ook geen benul. De startprijs is 1 euro. Het gaat om een olieverf op doek op paneel, en dat is zo te zien hardboard.

Knap gemaakt, maar zonder de verfijning die in de originelen te zien is. Dit soort werken is ook te koop als poster. Dan is een vaardig nageschilderde kopie zo gek nog niet. Hoewel vaardig? Het werk is zo snel gemaakt dat het niet goed in de lijst past. Iemand betaalde er alsnog bijna 300 euro voor.

unknown

Een paar maanden wordt wederom een werk online aangeboden, geïnspireerd op dezelfde serie. Deze keer wordt het toegeschreven aan de Engelse School en kiest de verkoper de naam picnic. We zien weer vier belles in witte zomerjurken.

picnic painting

Gele Rijders

Het bereden artillerie-regiment De Gele Rijders spreekt tot de verbeelding. Deze ruiters met kanonnen hebben nog voor Napoleon gevochten toen hij heerser was in Nederland, om zich even later tegen de Franse keizer te keren bij Waterloo. Met hun hoge berenmutsen en geel geliste uniformjasjes – de dolman – maakten deze ruiters indruk op vriend en vijand.

Breitner studie cavalerieZe waren ook een geliefd onderwerp voor menig schilder, eind 19e eeuw. George Hendrik Breitner leerde paarden schilderen van Charles Rochussen; hij oefende zelfs in de Haagse stadsrijschool. Zijn ruiters waren zo goed dat de schilder Mesdag hem vroeg mee te werken aan zijn panorama in wording. Er zijn talloze krijttekeningen, aquarellen en olieverfschilderijen bekend waarop Breitner laat zien hoe de cavalerie of de rijdende artillerie exercities uitvoert in de duinen rond Den Haag.

Laten we eens een bekend schilderij van Breitner (nu in de collectie van het Rijksmuseum) vergelijken met een werk dat onlangs op een online veiling verkocht werd voor 650 euro. Op Breitners werk zien we opstuivend zand, paarden in galop en ruiters in prachtige uniformen (zelfs met sabels) die hun paarden in toom houden. Op de voorgrond twee ruiters, waarvan eentje een derde paard meeneemt. Er is zelfs een schets gevonden van dit schilderij.

Het werk op de veiling vertoont enkele opvallende overeenkomsten. Ook hier twee ruiters op de voorgrond, waarvan de middelste een derde paard onder controle probeert te houden. Het perspectief verschilt een beetje. Breitner staat iets hoger; de tweede schilder staat wat lager. En de kleding wijkt af. Op het geveilde schilderij dragen de ruiters niet het indrukwekkende uniform van de Gele Rijders. Wat dragen ze wel? Een donkergrijs tuniek en een kwartiermuts met rode kentekens.

ruitersOvereenkomsten

De overeenkomsten zijn zodanig dat het geveilde schilderij in ieder geval qua themakeuze en compositie een kopie lijkt van het origineel. Maar waarom dan een lager perspectief gekozen? Dat maakt het voor de kopieerder niet eenvoudig.

De stijl verschilt ook. Al is het wel bekend dat Breitner dit onderwerp op diverse manieren verwerkt heeft. Ook als houtskoolschets en aquarel. En dan de uniformen. Natuurlijk zijn de paradepakken van de Gele Rijders indrukwekkend. Maar gingen ze daarmee ook altijd op oefening? De uniforms op het geveilde schilderij komen overeen met het veldtenue van de Gele Rijders. Zo’n kwartiermuts met rode opslag werd niet door andere artillerie-regimenten gedragen.

dekselKijk ook eens naar het paneel waarop het veilingwerk is geschilderd. Dat lijkt een deksel van een kist. Een munitiekist? Typisch een keuze van iemand die gedreven is, maar tijd of geld ontbeert om een goed doek aan te schaffen. Niet bepaald een kenmerk van namaak, al kan de schilder zich wel hebben laten inspireren door eerder werk. Bovendien is de maker van het veilingwerk een vaardig paardenschilder.

Tijdgenoot of navolger?

Jakob-Hendrik Geerlings Gele RijdersOf het van dezelfde kunstenaar is, vergt het oog van een echte expert. Wellicht is het geveilde schilderij door een tijdgenoot van Breitner gemaakt. Of door een voorganger, want ook Rochussen heeft oefeningen op het doek vereeuwigd. Een tijdgenoot zou Jacob Hendrik Geerlings kunnen zijn. Die heeft exercities bij Rozendaal geschilderd. We zien op een doek doek dat ooit is verkocht door Galerie Wijdemeren twee ruiters en drie paarden. Bij Simonis & Buunk zijn nog diverse stukken van Geerlings te koop. En van Hermanus Willem Joekoek die ook vaak oefeningen vast legde.

Maar misschien is het wel één van de vele voorstudies die Breitner zelf maakte voor zijn schilderij De Charge die nu in het Haags Museum te zien is, letterlijk een huzarenstuk. Hoe dan ook: er waren enkele liefhebbers die wel wat zagen in het veilingstuk, want de prijs steeg vrij snel van tweehonderd naar een ruim drievoud. Het paneel was blijkbaar een gokje waard.

MackenzieEen leerling van Breitner oefende zijn hand door werken van de meester na te maken: Marie Henri Mackenzie. Op een andere online veiling zien we een doek van Mackenzie waarop exact hetzelfde tafereel te zien als op het ruiterschilderij van Breitner: twee ruiters met berenmuts die een derde paard aan de teugel meevoeren. Het is een kopie, maar op kleiner formaat. Het doek van Mackenzie is voor €560- van eigenaar gewisseld.

 

Peintre du peuple

De paardenperiode wordt gekoppeld aan de jonge jaren van Breitner. Toen trok hij er ook op uit met een jonge Vincent van Gogh. Ze deelden een voorkeur voor alledaagse onderwerpen. De werkplaatsen, de wasserijen, de moestuinen van Den Haag. Peintre du peuple. Maar Van Gogh vond Breitner’s paarden in de duinen maar ‘vlakken verschoten kleur als op een uitgebleekt en vermolmd en beschimmeld behang’, een aanpak die door Breitner omschreven werd als pure painting. Na zijn Haagse jaren trok Breitner naar Parijs, om vervolgens terug te keren naar Nederland. Hij vestigde zich in Amsterdam waar hij beroemd werd.

Man van Smarten

CristoBieden op kunst leidt elke keer weer tot een stoomcursus kunstgeschiedenis. Zo trof ik recent op een online veiling een schilderij aan dat werd aangeprezen als een 19e eeuwse afbeelding van Christus. Paar tientjes om mee te beginnen. Het leek op een vaardig gemaakt kunstwerk, maar de signatuur ontbrak. Tot tweehonderd euro heb ik meegeboden; daarna haakte ik af. Ik had vooraf al wat research gedaan, maar na het bieden wilde ik toch weten of mijn instinct goed was. Zoekend op beeld kwam ik geen vergelijkbare werken tegen in de search engines, maar woorden troffen wel doel.

Cristo_2Het schilderij blijkt een kopie van een doek dat toegeschreven wordt aan de 17e eeuwse artiest Giovanni Antonio Galli. Dit kunstwerk is sinds 1862 opgenomen in de collectie van het Perth Museum in de gelijknamige Schotse plaats, een geschenk van een kolonel Macdonald. Volgens experts is het gemaakt in de stijl van Caravaggio (Michelangelo Merisi, 1571-1610).

De voorstelling is op zich bekend: de Man van Smarten. Jezus die zijn wonden toont aan de apostel Thomas, de ostentatio vulnerum. Meestal is apostel zichtbaar op zulke schilderijen, maar deze keer is het de toeschouwer die als ongelovige Thomas wordt aangesproken. Wel een aardig gegeven voor namaak in kunst. Eerst zien, dan geloven!

Ikonen

beeld van ChristusIn dit geval toont Jezus zijn wonden aan de kijker. Er zijn talloze hommes des douleurs in de kunst. In de 12e eeuw komt de Man van Smarten al voor op ikonen, en dan is hij nog eeuwen later te zien in kunst gemaakt in opdracht. Als schilderij, maar er zijn ook beeldhouwwerken waarop de zoon van god zijn wonden toont. Het was een beeltenis die vaak vertoond werd in middeleeuwse ziekenhuizen om patienten eraan te herinneren dat een goed katholiek niet zeurt als hij lijdt.

schmerzensmannOnderzoekers van het meesterwerk in Perth leggen uit dat veel ziekenhuizen opdracht gaven aan een kunstschilder om een schilderij te maken van deze bijbelse gebeurtenis, dus daar kan het op de veiling aangeboden doek een voorbeeld van zijn. Maar de gelijkenis is zo groot (het schilderij in Perth is pas publiekelijk ontdekt in 2009) dat het waarschijnlijk een latere vervalsing betreft.

Had ik meer dan 200 euro geboden, dan was ik nu zelf een schmerzensmann geweest. Al moet ik zeggen dat het recent geveilde schilderij ouder lijkt dan het werk dat in Perth hangt. Die Schotse Christus heeft niet eens een echte baard!