ToiZaak

baby-sampling

In 2008 kondigde Bert Dorenbos van Schreeuw om Leven aan foetus-poppetjes huis-aan-huis te gaan bezorgen om aandacht te vragen voor pro-life standpunt van zijn groep. Bluf, zo bleek al snel. Elf jaar later kijkt Medialogica van omroep Human terug op de media-oorlog tussen voor- en tegenstanders van abortus.

Het is bijna onvermijdelijk dat het abortusdebat gepaard gaat met framing en story-telling. De tegenstelling is niet links versus rechts, niet progressief tegen conservatief, zelfs niet pro-leven versus anti-leven. De fundamentele vraag is: mogen ouders (de moeder met name) beschikken over het leven van de jonge foetus? Dat is een gewetensvraag, maar het is ook een pragmatische kwestie – als je beseft op welke manieren zwangerschappen beëindigd worden in landen waar abortus illegaal is.

In Nederland staan we abortus voorwaardelijk toe, al sinds de jaren zeventig. Maar het debat gaat voort, en de standpunten evolueren – zo zien we in Medialogica van omroep Human. De interviewer stelt vragen aan Christa Compas, directeur van het Humanistisch Verbond. Dat lijkt me een onhandige keuze, te dicht bij huis. Compas werd aangesproken als feminist en blikte terug op de acties onder het vaandel Baas in Eigen Buik.

Baas in eigen Buik afficheDat was al een frame avant la lettre, die buik. Zo werd het abortusvraagstuk een kwestie van zelfbeschikking. Niet de staat en niet de kerk hebben het primaat over ons lichaam. Daar had de anti-abortus beweging geen antwoord op. De dominees die met Zijn Woord zwaaiden waren geen partij voor de Dolle Mina’s. De bijbelbroeders hebben lang met horror-foto’s gewerkt van verminkte feuti. Wreed en bloederig.

Pro-Life

Tot ze vanuit de Verenigde Staten slimme campagne-technieken aangereikt kregen. Dat begon al met het label pro-life. Prompt waren de actievoerders geen tegenstanders van abortus meer, maar voorstanders van het leven. Ook het ongeboren leven. Dat trekt veel twijfelaars terug over de streep. Het weerwoord was pro-choice. Ook geen slechte slogan.

En toen kwam iemand met foetus-poppetjes. Dorenbos deed in 2008 alsof hij ze zelf bedacht had, maar deze Precious Ones fetusmodels zijn al in de jaren zeventig ontwikkeld. Bedoeld voor aanschouwelijk onderwijs op school. In de VS werden ze ooit met Halloween uitgedeeld, door een actie-dominee die meespeelde met trick-or-treat.

In de documentaire van Human komt een kunstenares aan het woord die de poppetjes verwerkt in haar art. Zij suggereerde dat voor de gekleurde poppetjes een andere prijs gevraagd wordt dan voor de blanke, maar dat is niet waar. Ze kosten allemaal twee kwartjes groothandelsprijs.

Als promotiemiddel zijn ze wel een stuk sympathieker dan de bloederige foto’s die Schreeuw om Leven eerder uitdeelde. Of het getuigt van medeleven om zulke poppetjes te geven aan vrouwen bij de ingang van abortusklinieken is weer een andere vraag. Ik houd niet van hysterische zedenprekers en straatverkopers, maar misschien kunnen ze in de kliniek zelf uitgereikt worden bij het voorgesprek. Als extra nadenkinstrument.

Poppetjespropaganda

Medialogica beschrijft hoe Dorenbos met een koffer vol feutuspoppetjes naar Auschwitz is gereisd om ze daar te fotograferen onder een poort met Abortus makes Free. Sensatiebelust, smakeloos en meedogenloos: zo kennen we onze Bert. Altijd goed voor een evangelische rel. Was Jezus zelf ook geen activist? Medialogica stelt vast dat Auschwitz niet op de hoogte was van dit gebruik. Dat is weer zo’n eigenaardige twist in dit verhaal: pleit een programma over de media er nu voor dat zulke partijen betrokken raken bij het script?

Zo valt Medialogica zelf ook in de valkuil van sensatiezoekende story-telling. De politiek correcte reporters kunnen het niet laten om met het vingertje te zwaaien dat aan de dominee voorbehouden is. Terwijl de simpele feiten prima door de kijker zelf beoordeeld kunnen worden. Want ook met zijn poppetjespropaganda was Dorenbos niet de eerste. In de jaren negentig zijn feutuspoppetjes gemaakt met een peukje in hun mondje: de Itty Bitty Smoker als waarschuwing tegen het roken tijdens de zwangerschap.

Les Nabis

Les Nabis (de profeten) was een groep kunstenaars die nu als voorhoede van de abstracte kunst gezien worden. De schilders van Les Nabis portretteerden elkaar vaak lezend. Opgaand in het verhaal, verdwijnend in hun omgeving. De mens als achteloos object.

Ker-Xavier Roussel en Edouard Vuillard werden vrienden op het Lycée Condorcet in Parijs, ergens in de 1870s. Met verwante kunstschilders aan de Academie Julian vormden ze enkele jaren later het collectief Les Nabis, de profeten. Kenmerkend voor deze groep is de uitbundigheid in kleuren en vlakken, en het platte perspectief.

De groep viel al snel uiteen, omdat elk zijn eigen ontwikkeling koos. Toch worden Les Nabis gezien als één van de voorhoedes van de abstracte kunst, omdat de aanzet tot abstractie al in een aantal werken te zien is. Dan zijn kleur, vlak en stofuitdrukking belangrijker dan een realistische weergave.

Stof-expressie

Opvallend aan het werk van Vuillard en Roussel is dat ze vaak stoffen met een patroon op hun doeken verwerken. Je moet het zien om het te begrijpen. Het lijkt net alsof deze schilders elkaar naar de loef steken door bonte kleding, vloerbedekking, behang, gordijnen en andere stoffen te plooien in de omgeving. Een context die zo sterk is dat het subject er bijna in verdwijnt. Er bestaan een heleboel portretten van personen die opgaan in hun omgeving, alsof ze verdwijnen in hun bezigheid. Deze stijl wordt wel intimisme genoemd.

Edouard Vuillard - Ker-Xavier ?Zo’n portret werd onlangs aangeboden op een online veiling. Kijk maar naar het jasje. Er zat een plakstrip op de achterzijde met de naam Vuillard erop, en in de verf meent de verkoper de signatuur K. Xav te zien. Die geeft een voorzetje aan de koper. Even opzoeken op Google en je herkent de namen van onze intimisten. Maar dat voor een paar tientjes? Ik vertrouw het niet.

Het schilderij is gemaakt in the spirit van Roussel en Vuillard, maar als leek mis ik de vaardige hand die je in de overige schilderijen en schetsen wel ziet. En zelfs als het een authentieke Ker-Xavier Roussel is, vind ik deze niet zo mooi als andere werken.

Blur

Ker-Xavier Les DamesWelke andere werken? Ik heb een lijst gemaakt van voorbeelden van Les Nabis, onderin dit artikel. Maar kijk ook eens naar Les Dames van Roussel met hun prachtige jassen. De bomen en het gras zijn achtergrond. Zelfs de gezichten doen er niet toe, ze verdwijnen in een kenmerkende blur. Maar toch zie je dat de gelaten er volledig zijn. Zelfs het haar is herkenbaar als dat van een oudere dame die nog wekelijks een kleurspoeling bij de kapper gaat halen.

woman feeding a child Ker-XavierOf neem de moeder die haar kind voedt. Alles heeft een desin: het behang, het kamerscherm, de stoelen, de kleedjes, de kleding. Het lijkt wel patchwork. Ook hier zijn de gelaten amper zichtbaar. Het is alsof Ker-Xavier wil laten zien dat hij in staat is alles van een patroon te voorzien en toch herkenbaar te houden. Zoals een voetballer zijn balbeheersing demonstreert.

De Lezer

Le Pere Ker-XavierDe lezer is een terugkerend thema bij Les Nabis. De deelnemende kunstenaars portretteren elkaar vaak lezend. Op Le Pere zien we de vader van Ker-Xavier lezend. Dat is nou een schilderij om van dichtbij te bewonderen, want de stof-expressie komt nu eens niet tot uitdrukking in patronen. Vader draagt een pak van wol of fluweel. Opnieuw is de gelaatsuitdrukking niet van belang. Maar de houding en de hand zijn treffend geplaatst. Er zit lichaamstaal in het schilderij.

lezer Ker-Xavier RousselDie lichaamstaal is ook herkenbaar in een ander lezersschilderij. Daar is de stof-expressie ook minder prominent, al kan Ker-Xavier het niet nalaten om de plaid over het bed een patroon te geven. Let ook op de glanzende lakschoenen. De geportretteerde lezer lijkt hier een landkaart te bestuderen. Of is het een dagblad?

Vuillard reding by Ker-Xavier

Tenslotte nog een portret waar we een lezende Edward Vuillard zien die geportretteerd is door Ker-Xavier. Hij lijkt in slaap gesukkeld boven zijn boek. En hij draagt een warme kamerjas die prachtig om hem heen plooit. Het is een demonstratie van de vaardigheid van Roussel.

Een vergelijkbare beeldkracht en vaardigheid zie ik in de online aanbieding niet terug. Dat lezend portret is van eigenaar verwisseld voor 160 euro.

 

Natason portrays Ker-Xavier Rousselportrait de Ker-XavierWoman with Child

Umi. Lifestyle label van Amazon?

Afgelopen voorjaar signaleerden we Umi. Het lifestyle label van Amazon dat beproefd werd in Engeland. Nu zien we dat het assortiment uitgebreid is met nieuwe premium producten. Designed for Amazon only!

Amazon experimenteert al een tijdje met huismerken. Net zoals de meeste warenhuizen en supermarkten is Amazon begonnen met basics. Daar kwamen later niche-producten bij die onder fantasiemerk verkocht werden. Maar sinds een jaartje doet Amazon ook proeven met premium private label. Dat zijn producten die in een hogere prijsklasse vallen en zich onderscheiden door het design en/of de kwaliteit. Het team dat ontwikkelde voor het lifestyle label Umi. heeft Engeland als thuisbasis.

UMI stofzuigerWat is nieuw eind 2019? We zien een witte draadloze stofzuiger voor £199 die het tegen Dyson mag opnemen. Een set van negen foam vloertegels in mahonie-look. We zien veel nieuwe fitness-spullen, lampen, gitaar-accessoires, kranen en vooral ook kinderschoenen.

Het is welbeschouwd een allegaartje. Vloertegel? Wel kinderschoentjes maar niks voor de ouders? Gitaaraccessoires? Dat wekt niet de indruk dat de Britse ontwikkelaars zelf prioriteiten mochten stellen. Umi is eigenlijk meer Uhmmm. Het lijkt wel alsof de developer van Amazon noodgedwongen moeten samenwerken met producenten die bereid zijn aan collaborative design mee te werken. Alsof de aan hun toeleveranciers hebben gevraagd: heb jij nog wat liggen dat we kunnen gebruiken?

UMI sandalsVan al die Umi. producten verschijnen alleen de kinderschoenen bij Amazon.com in de VS. Daar zijn ze al sinds 2005 te koop. Dat is vreemd. Blijkt dat er in de VS een leverancier is die het merk Umi al langer gebruikt. En met exact hetzelfde beeldmerk. Nou breekt m’n klomp.

Voor later

Soms is een tekst gewoon goed. Aegon heeft een prachtig spotje laten maken over ouder worden. Dat in klare taal en met intrigerend beeld illustreert waarom je tijdig aan je oudedag moet denken. Later is eerder dan je dacht. Toupetje af!

Aegon_LaterOm niet alleen maar slechte teksten te bekritiseren vanaf deze zijlijn ook eens een voorbeeld van een tekst die soepel loopt.

Later, komt sneller dan je denkt.
Regel daarom nu al jouw geld voor later.
Bijvoorbeeld met Beheerd Beleggen van Aegon.
Vraag je adviseur naar de mogelijkheden Aegon Beheerd Beleggen
of kijk op Aegon.nl/beleggen…

Simpel maar duidelijk. Wellicht zou de tweede later een straks kunnen zijn, om al teveel herhaling te voorkomen. En er bestaan verschillende versies van Vraag je adviseur naar… dus het bureau (TWBA/Neboko) blijft veranderen terwijl de campagne loopt. De klant wou een extra verwijzing naar Aegon schijnbaar, want stel nou dat die verrekte adviseur iets anders adviseert.

Ook bij Zwitserleven hebben ze goed geluisterd, dus daar is het bureau (DFFRNT?) aan het werk gezet om een eigen variant te maken. De video spelen we later, maar eerst de tekst.

Leven in het nu.
Veel mensen vinden dat je daar heel gelukkig van wordt.
En eerlijk is eerlijk…
…dat is ook zo.
Maar, natuurlijk sta je ook stil bij later.
Want wat nu later is, is straks nu.
Het Zwitserleven Gevoel, 
dat gun je toch eigenlijk iedereen.

Laat het eens door je mond spoelen en proef de nasmaak van pompeus gebral. Eerlijk is eerlijk. Eigenlijk wel. Nu wel. Later ook.

Banlieue

Wat een mooie merknaam: Banlieue. Het klinkt klassiek, maar het is letterlijk ook behoorlijk urban. Buitenwijk! En wie beseft dat Clan de Banlieue in Rotterdam ontstaan is? Als bruderbrand!

In het beeldmerk van Banlieue duikt helaas een vingerafdruk op, zo’n beetje het meest gekozen cliché van beginnende logo-ontwerpers. Maar dit Rotterdamse kledingclubje heeft het met zijn tracksuits en hoodies wel tot leverancier van de Bijenkorf geschopt. Ze doen nu zelfs aan capsule collections, als volleerde luxe leveranciers. Of is het alleen maar Vocabulaire x Fenty?

Banlieue is in 2016 ontstaan als schoolopdracht, vertellen oprichters Sinan Karaca, Levie Merckens en Richard Lopes Mendes. Begonnen met het bedrukken van standaard kleding zoals t-shirts en trainingspakken, zie ook Druk Rotterdam. Sindsdien zou de kwaliteit geleidelijk beter zijn geworden.

Bij accessoires treffen we leren mantasjes met een preeg aan, en sokken met een ingeweven embleem. Maar ik zie nog steeds overwegend standaard kleding met strijkplaatjes erop. Zo’n capsule collection is een nieuwe lading die net aangekomen is in Rotterdam. En de gesuggereerde samenwerking Nike x Banlieue lijkt me een eenzijdige actie, geen collaberation.

Dat is geen lang leven beschoren zo. Ga eens op zoek naar leveranciers die echt iets unieks kunnen maken mes garçons!

Academie Julian

Wat maakt een naaktstudie een waardevol kunstwerk? Om te beginnen de kwaliteit van het werk zelf en de reputatie van de maker. Maar ook de schoonheid van het naakt en de decoratieve functie tellen mee. Als het dan ook nog eens in historische context te plaatsen is, wordt zo’n schilderij echt interessant.

Nude Academie JulianTussen eindeloze landschappen en stillevens trof ik onlangs op een online veiling een schilderij van een naaktmodel aan. Vaardig geschilderd, maar opvallend waren de kleurstelling die aan een vergeeld krantenbericht doen denken en de achtergrond die van het geheel bijna een grafisch kunstwerk maakt.

Het was ook een schilderij op redelijk groot formaat, dus alleen als decoratief stuk al waardevol. De expert verwachtte een prijs tussen de 300 en 400 euro.

Maar er was meer dat de aandacht trok. Het doek bleek gemaakt door de firma Dubus in Parijs. Daar kochten eind 19e eeuw veel impressionisten en post-impressionisten (zoals Van Gogh) hun benodigdheden. En als we naar de achtergrond kijken, lijkt het naaktmodel geschilderd op een plek waar meerdere schilders tegelijkertijd aan studies werkten.

Gallen in Academie JulianEven zoeken op Google levert al snel beelden op van de Academie Julian. Daar waren de muren bedekt met het werk van deelnemende kunstenaars. Dat plaatst dit werk op een belangrijke plek in een doorslaggevend tijdperk.

Deze academie heeft een eeuw bestaan, van 1868 tot 1968.

Sir Alfred Munnings

Een voorbeeld uit de academie is een schilderij van de Amerikaan Jefferson David Chalfant die Bouguereau’s Atelier als thema kiest. Bouguereau gaf les aan de Academie Julian. Hij was een naturalist, een romantisch realist (in eigen woorden) en een uitgesproken tegenstander van het impressionisme. De letters die in de geveilde naaktstudie gekrast zijn, lijken op de naam Bouguereau. Maar dan in verkeerde volgorde.

nude Alfred MunningsWe vinden ook een aantal naaktstudies van de Britse kunstschilder Alfred Munnings die op dezelfde academie lessen nam. Munnings maakte naam met paarden-portretten. Hij was aan het einde van zijn loopbaan zelfs president van The Royal Academy, waar hij zich in 1949 in een speech op BBC Radio fel keerde tegen vrijwel alle modernisten, met name Picasso en Matisse.

Zijn voormalige landhuis Castle House in Dedham (Essex) is nu een museum met honderden werken van Munnings. Betaald uit zijn eigen nalatenschap.

Atelier Courbet

In dezelfde veiling wordt een houtskoolschets van een naaktmodel aangeboden, ook een groter formaat. Op de achterzijde van het papier staat Atelier de G. Courbet, geen onbelangrijke referentie. Het lijkt met rood potlood opgeschreven, alsof de bestaande lijnen van een preeg- of een wasstempel aangedikt zijn.

Atelier G. CourbetDat is een bekend stempel, gebruikt door de schilder Gustave Courbet (1819-1877) die beroemd werd met zijn L’Atelier du Peintre als voorvechter van het realisme. Courbet had een atelier in Quartier Latin, Parijs.

In 1861 opende Courbet zijn atelier voor leerlingen, waar hij doceerde in de kunst van het weergeven van de realiteit. Maar deze opleiding werd een jaar later al gestaakt. Het is uiteraard mogelijk dat de leerlingen schetspapier gebruikten dat door de meester ter beschikking was gesteld. Maar dat is nog steeds een indrukwekkende afkomst voor een naaktschets.

De houtskoolschets kreeg een nieuwe eigenaar voor 118 euro; de olieverf bracht uiteindelijk 650 euro op. Dergelijke naaktstudies spreken uiteenlopende liefhebbers aan. Je hebt dan ook wel iets authentieks aan de muur. Of vakkundig werk van navolgers. Hoe dan ook: het verhaal achter het naakt is zeker zo interessant.

Eyes Never Lie

Greving & Greving is zo’n beetje de barbershop van brillendragers. Mannen met woest gezichtshaar, tatoes en stoere monturen. In de stroom der woelige baarden past nu ook een eigen commercial.

Wat Eyelove, Specsavers en Pearle doen, dat kunnen ze in Noord-Nederland ook. Huur zo’n communicatiebureau in en laat een mooi multivocaal televisiespotje maken. Maar als ik het resultaat zie, vraag ik me af of al dat gezichtshaar aan de opdrachtgever groeit of aan de bureaucreatieven. De tekst van de commercial is namelijk zo tranentrekkend slecht, dat ik vrees dat er een SEO-schrijver is ingezet. Het zoekwoord laat zich raden.

baard en brilMooi.
De wereld is mooi.
Kijk maar om je heen
en
zie de mooie dingen.
Of?
Maak de dingen nog mooier.
Je bent mooi.
Zo mooi.
Greving & Greving Opticiens.

De woorden zijn blijkbaar bijeen geschraapt door een tekstbartje met een stotterend brein. Niet alleen op mooi blijft-ie haken, maar tot overmaat van sneuheid wordt ook dingen nog eens herhaald. Wat maken ze bij de Jansen & Janssen uut Hoog’veen? Ding’n veur je og’n!

De gedachte achter de campagne wordt toegelicht bij Nana Woody & John. “Greving & Greving staat voor een stijlvolle way of life met aandacht voor de mooie dingen in het leven. Dat zie je ook terug in de inrichting van de winkels. Om maximaal te genieten zijn goed zien en er goed uit zien essentieel.” Blijkbaar stotteren ze ook achter de schermen vrolijk voort.

Eyes Never LieWie zijn Nana Woody & John eigenlijk? Samen zijn ze een soort internationaal influencers platform voor brillentrends, de vloggers van Eyenovation. Ook daar veel mannen met baarden. Ze hebben een aantal merken al onder dak, en gaan nu links leggen naar zelfstandige verkooppunten. Monetariseren! Nana verwijst naar Moskouri. Woody is Allen. En John duidt op Lennon. Ikonische brildragers.

Het zou me niks verbazen als deze creatieve piepersnijders ook de commercial voor Greving & Greving hebben gemaakt, maar dat het spotje eerst bedoeld was als collectieve campagne voor de zelfstandige optiek onder het motto Eyes Never Lie. Daar hebben ze immers ook foto’s van the making of

Yield editors bij Mediahuis?

Het Belgische bedrijf Mediahuis is eigenaar van NRC en de Telegraaf. Mediahuis heeft net een 35% belang genomen in Mather Economics, een Amerikaanse adviesbureau dat mediabedrijven en loterijen helpt met yield management, het verhogen van hun opbrengst. Mather werkt al samen met NRC.

Wat betekent yield management voor media, voor redacties? Op de site van Mather staat een case van de Dallas Morning News, een traditionele uitgever. Deze krant had eerst met een paywall gewerkt, maar die is vervangen door een tweetraps-systeem waarbij een deel van de content gratis is en een deel betaald moet worden. Precies zoals NRC en de Telegraaf ook werken.

In de case wordt beschreven hoe er bij de Dallas Morning News gestreefd wordt naar een data driven newsroom. De krant heeft Listener geïnstalleerd, een systeem dat meet welke content goed converteert. Conversie is een begrip uit de verkoopwereld waarmee het omzetten van aandacht in verkoop afgemeten wordt. In krantentermen: van een X-aantal lezers is een Y-percentage betalend lezer geworden.

Dat is door Mather gemeten per bericht, per artikel en per katern. Het resultaat: van de 54.000 berichten die gedurende een jaar geanalyseerd zijn, heeft slechts 9% bijgedragen aan conversie. Zo’n 49.000 berichten hadden geen directe invloed. Dat levert in eerste instantie een schrikbeeld op. Worden journalisten bij Mediahuis straks beoordeeld op hun conversie-vermogen?

Destination Content

Laten we maar veronderstellen dat yield editing anders werkt. Net zoals een winkel destination products kent en destination categories, kan bij een medium destination content onderscheiden worden. Berichten waar de consument op afkomt; nieuws waar de lezer voor wil betalen. Dat is ook het model waarop Follow the Money gebaseerd is; de deelnemers aan deze nieuwssite zijn bereid het platform FTM te steunen omdat ze een deel van de nieuwsvoorziening de moeite en het geld waard vinden.

Die destination content moet omringd worden door een breed aanbod aan supporting content. In de supermarkt zijn dat al die alledaagse boodschappen die overal te koop zijn. In de winkel wordt gevolgd welke routes de klant loopt en wat hij mee naar huis neemt: de basket analyses.

Mather kijkt naar conversion paths waarin te zien is wat er vooraf ging aan de transactie. Ook is vastgesteld welke berichten engagement bevorderen bij bestaande abonnees. Redacties kunnen daardoor ondersteunende functies toekennen aan content die niet direct converteert. Maar het is uiteraard wel goed voor de krant als er ook best-sellers geproduceerd worden.

Yielnalisten

Wat zijn de kenmerken van die 9% bij Dallas Morning News? Om te beginnen bleek de helft van alle converterende content geschreven door ruwweg een vijfde van alle auteurs. De verkoopkracht van medewerkers speelt wel degelijk een rol bij hun beoordeling. Maar volgens Mather werkt dat egaliserend, omdat andere factoren zoals bijvoorbeeld senioriteit daardoor minder van belang zijn.

Lezers blijken een voorkeur te hebben voor lokaal en uniek nieuws, dat is geen verrassing. Populaire thema’s zijn misdaad, de huizenmarkt, consumptiezaken, populaire sport in de stad en schoolnieuws. De analisten ontdekten bovendien speciale niches. Onderwerpen die op zich marginaal zijn, maar wel elk een eigen fanbase hebben die bereid is om te betalen. Opgeteld zijn zulke niches goed voor een aanzienlijk deel van de betalende lezers. Een voorbeeld is schoolvoetbal en andere schoolsporten. Ook onderzoeksjournalistiek gericht op lokale kwesties verkoopt goed.

Nieuw redactiebeleid

Wat draagt niet bij aan conversie?

  • landelijk nieuws
  • internationaal nieuws
  • kunst (art & life)
  • opinie en columnisten
  • profielen
  • business news

De redactie van Dallas Morning News beseft uiteraard dat zulke resultaten anders zijn bij landelijke nieuwsmedia dan bij een lokale krant. Bovendien spelen seizoeneffecten een rol, en veranderende interessen bij lokale lezers.

Voor de redactie betekende deze bevindingen dat er een einde is gemaakt aan job-rotatie, waarbij jonge redacteuren van de ene deelredactie naar de volgende gepromoveerd werden. Ook wordt er nu geëxperimenteerd met prestatiebeloning van freelancers die goed scoren met specifieke bijdragen.

In het redactiebeleid is bovendien meer aandacht voor content van lokaal belang, terwijl er minder tijd wordt besteed aan landelijk en internationaal nieuws. Er is ruimte om nieuwe thema’s te verkennen en er zijn meer mensen vrijgemaakt om als lokale nieuwsjagers te fungeren. Bij verdere analyse wordt nu bovendien gekeken naar de lifetime value van content; heeft de long tail ook conversie-kracht?

Mather & NRC

De Amerikanen werken al langere tijd voor NRC. Sinds 2017 Mediahuis en Mather zelfs een joint-venture in Amsterdam waar twee mensen werken voor Europese opdrachtgevers.

Biebshops

De bibliotheek is een oude rot in de deel-economie. Wat voor internet-investeerders een nieuwe trend is, was al lang bekend bij de uitleners in de boekenbranche. Maar verkoopt de bibliotheek ook weleens iets. Waar zijn de biebshops?

Er is vast wel een ambitieuze bibliotheekbestuurder die met het voorstel kwam: waarom openen we geen winkeltje bij onze druk bezochte boekenuitstalling? Zo eentje die leesbenodigdheden verkoopt en andere media onder de aandacht brengt. Waarop een andere bestuurder waarschijnlijk nuchter reageerde: verkopen is geen core business. En het kan per saldo geld kosten. Dat risico nemen we beter niet.

Laten we eens kijken hoe die belangenafweging afgelopen is. Waar zijn de winkeltjes? De bibliotheek in Huizen heeft er eentje. Die verkoopt leesbrillen, boekenleggers, kunstkalenders en Delfts Blauwe tasjes. De bibliotheek Helmond-Peel heeft een onderwijswinkel. Bij de bibliotheek in Veenendaal heeft de stadswinkel onderdak gevonden.

Olifantenpaadje

De webshop van de bibliotheek Helmond-Peel maakt gebruik van op-shop, een online winkelprogramma van Olifantenpaadje uit Eindhoven. Dit bureau is gespecialiseerd in webwinkels voor culturele instellingen. Nu zijn dat vooral bibliotheken, maar waarom niet ook theaters, musea en concertpodia?

We tellen een slordige 27 bibliotheken in het klantenbestand van Olifantenpaadje. Het merendeel gebruikt de web-app om activiteiten onder de aandacht te brengen. Bijeenkomsten, taalclubs, bezigheden voor kleuter, peuters en het onderwijs. Maar ook leescampagnes zoals Kilometerlezen. Doorgaans gratis, maar de bibliotheek Dommeldal verkoopt ook tickets voor events, bijvoorbeeld in een lokale Kasteelhoeve. Dan heb je ook wat!

Grote steden

Eindhoven is een grote stad, maar wat gebeurt er elders. De bieb in Amsterdam (OBA) heeft geen winkel, maar wel een compleet restaurant aan de Oosterdijk. Bovendien verhuurt OBA ook zalen voor evenementen, net als de bieb in Rotterdam. In Den Haag koppelen ze kortingsacties aan de bibliotheekkaart. En Utrecht bereidt zich voor op de nieuwe vestiging in het voormalige postkantoor aan Neude. Komt daar ook horeca in? Of een biebshop?

muji-copycats

In China zijn enkele nieuwe retail-formules ontstaan die zich spiegelen aan Muji in Japan. De oprichters zijn vaak geïnspireerd door Nordic design (IKEA, H&M, Cos) maar ze kijken ook naar Hema in Nederland. Betaalbare basics en alledaags design. Spoedig ook in een Nederlandse winkelstraat?

Miniso LampDe winkelketen Miniso presenteert zich als het initiatief van een Chinese ondernemer en een Japanse ontwerper uit Tokio. De keten zou sinds 2011 zijn uitgegroeid tot een gigant met een omzet van 2,5 miljard dollar in 4800 winkels. Een aantal van die winkels staat in de VS, en sinds vorig jaar ook in Spanje, Ierland en Duitsland. Afgelopen najaar deed Miniso mee aan de beurs Maison & Objet in Parijs, waar circa veertig eigen designs getoond werden. Onlangs is de eerste winkel in Londen geopend, waar Miniso zich potsierlijk positioneert als Japans.

Tea at OCEEen andere nieuwe lifestyle retailer uit China is OCE. Deze formule is zo’n beetje IKEA + H&M: mode en woonwaren met een Nordic signatuur. OCE staat voor Objects, Clothes, Experiences. Deze retailer doet niet moeilijk over zijn afkomst. De tweetalige site is een dot-cn. Maar de modellen die de kleding tonen zijn wel Europees. En veel design komt uit Scandinavië. OCE heeft eind 2019 een slordige zestig vestigingen in China. Van internationale ambities is (nog) geen sprake.

Lipstick at NOMEEn dan is er nog NOME, een andere Chinese formule die zich baseert op de combinatie van Zweeds design en een Chinese supply chain. NOME heeft een breed assortiment (meer dan 3000 stock keeping units) variërend van mode en meubels tot skincare en food. Er zijn meer dan 300 vestigingen in China en de eerste overzeese pilot stores worden voorbereid. NOME wil naar Londen.

Design in Europe & Made in Asia

De online aanwezigheid van deze formules is beperkt, maar misschien onttrekt zich dat aan de blik van buitenlanders omdat ze hun webshops koppelen aan WeChat, toegankelijk voor smartphones in China.

De betrokken ondernemers baseren hun formules op ketens zoals IKEA en MUJI die al in China actief zijn. De Japanse onderneming MUJI heeft daar last van, want de inkoop van deze winkelketen is veel duurder. En dus zijn de verkoopprijzen ook hoger. MUJI heeft jaren van winstgevende groei achter de rug, maar de laatste cijfers zijn wat minder florissant. MUJI gaat daarom zijn sourcing aanpassen.

De combinatie van Design in Europe & Made in Asia hoeft zich niet te beperken tot de Nordic regionen. Ook voor onze HEMA is dat een aanlokkelijk alternatief. Er is veel venture capital voor deze Chinese groeiformules. Misschien kan HEMA Amsterdam zich associëren met HEMA Hongkong.

Op 13 november wordt bekend dat Blokker-eigenaar Michiel Witteveen een franchise heeft genomen op Miniso en vestigingen gaat openen in Amsterdam, Rotterdam en Eindhoven. Witteveen verwacht dat de keten zal uitgroeien tot een stuk of vijftig winkels.