UA-118292059-1

Teksttuig

Een wereld te winnen

In de vakgebieden van media en cultuur kennen we het begrip production value. In de bioscoop zie je als kijker de lampen op de set niet, maar als een scene goed uitgelicht is maakt dat een groot verschil voor de eindindruk. Een theaterproductie, een artikel in een tijdschrift, maar ook een maaltijd in een restaurant en de aanbouw van een huis is beter als de afwerking met liefde gedaan is.

In de zendtijd voor politie partijen zag ik onlangs een tekenfilm van de Partij voor de Dieren, een herhaling van de film die gemaakt is voor de verkiezingen van 2021. Niet een spotje van dertig seconden, maar een animatiefilm van bijna vijf minuten. Met een opvallend handschrift. De kleuren zijn ietwat ziekelijk. Het is een internationale productie, want de omgeving waarin het verhaal zich voltrekt is Engelstalig. Het commentaar is Nederlands, natuurlijk. De stem van Georgina Verbaan. Haar conclusie is: Er is een wereld te winnen. Een slagzin die de PvdD wel vaker gebruikt.

Deze inmiddels prijswinnende film is gemaakt door Steve Cutts voor de Nicolaas G. Pierson Foundation, het wetenschappelijk instituut van de PvdD. Het is spijtig (en ook wel een beetje zuinig) dat de maker geen aparte vermelding krijgt. Production value pur sang! Cutts is een Britse illustrator & animator die werkt vanuit Londen. Zijn stijl is geïnspireerd op cartoons uit de jaren twintig en dertig, maar het doomsday design is toch wel erg Cutts kenmerkende signatuur. Mensen zijn vaak zombies met lege oogkassen.

Voor de liefhebbers twee toegiften: The Turning Point uit 2020 en Happiness uit 2018.

De Jeugd heeft Een Toekomst

Het zijn zelfstandige projectielen die zich niet laten geleiden, dus je moet als adverteerder (en bureau) voorzichtig zijn wanneer je De Jeugd van Tegenwoordig inhuurt voor een campagne. Ik herinner me dat Olivier, Pepijn en Fred de glasbak mochten promoten, daar in de talkshow M over moesten praten en de grootste lol hadden met presentator Margriet die het idee van sponsoring niet begreep.

“Waarom een rap voor de glasbak? We worden ervoor betaald…”

De Nederlandse afdeling van Koreaans automerk KIA heeft afgelopen najaar De Jeugd ingehuurd om met een EV6 (elektrische auto) door het land te rijden en innovaties te ontdekken door bij zogenaamde changemakers op bezoek te gaan. De auto wordt omschreven als een sexy vormgegeven tijdmachine, dus de toon is snel gezet. Is het ironie of meent KIA dit echt?

Sales Speak

Ook in vakbladen zoals Adformatie is het trio afgelopen najaar geïntroduceerd met de schijnbaar onvermijdelijke sales speak. Fenna Oosterkamp, content specialist bij Kia, vindt dat de mannen van de Jeugd van Tegenwoordig goed bij het automerk. ‘Sinds dit jaar is de nieuwe slogan namelijk: ‘Movement that inspires’. We willen consumenten inspireren met niet alleen nieuwe producten en diensten, maar ook hun ervaringen met het merk. De Jeugd van Tegenwoordig inspireert ook.’

KIA De JeugdGoh, wat passen we toch goed bij elkaar. Zo’n slogan lijkt me een dwangbevel vanuit Korea. Als je nou het lef hebt om De Jeugd van Tegenwoordig in te huren, kom dan niet met zo’n slappe rechtvaardiging. Scheur je los van de hersenverweking die een overdosis content marketing veroorzaakt en praat gewone taal.

Dat geldt ook voor het verantwoordelijke bureau Towel Media. Volgens de woordvoerder wordt er iets ingestoken op basis van dynamische content. Is dat schrijf- of spreektaal? Zit er bij Adformatie een bureauredacteur die echt zo praat of heeft iemand het persbericht 1:1 gekopieerd?

Dat laatste dus, want dezelfde tekst tref ik elders ook aan.

Geert Doek, managing director Towel en co-founder The Pool vertelt dat de kern van de campagne uit een meerlaagse branded social-campagne bestaat, waarbij de kanalen van zowel Kia als van De Jeugd van Tegenwoordig worden ingezet. ‘Daarnaast wordt er display en buitenreclame ingezet. Voor de distributie van de videocontent maken we weer gebruik van het touch-tell-sell model, door de videocampagne op basis van dynamische content creatie in te steken. Kijkers worden in eerste instantie geïnspireerd met de video-serie, vervolgens maken ze kennis met content op USP-niveau en tot slot wordt er op conversie in de vorm van o.a. dealer-bezoeken gestuurd.’ 

Gaan we dit echt eten?

In de eerste aflevering (👀  81.401) gaat het trio naar het voedselbos Ketelbroek bij Groesbeek, om vervolgens in het restaurant De Nieuwe Winkel van chefkok Emile van der Staak chocolade te maken met tamme kastanjes. Dat doet Van der Staak door de kastanjes te koken, pureren en vermengen met room en een specifieke schimmel.

Het wordt pure komedie als het drietal onderweg een fashion-stop maakt bij de lokale Boerenbond annex Pet’s Place. Daar kun je buitenkleding krijgen in elke gewenste kleur, als het maar groen is. De Jeugd in de Jungle!

In de tweede aflevering (👀  41.945) demonstreert Olivier dat je met een Electric Vehicle ook echt elektrisch kan koken voor een spontane picknick. Alleen de visburgers smaken niet lekker. Dus alsnog naar de viskraam om daar garnalen en paling te kopen. Doe maar in een emmer! De Jeugd belandt uiteindelijk in Rotterdam waar het reclamebureau in een gehuurde wikkelboot een heuse muziekstudio heeft laten inrichten zodat het drietal kan spelen met computers. Toekomstmuziek, meent Wartaal. Wij innoveren u de moeder.

Beautiful Bastard

Waar artificial rapping intelligence anno 2021 al toe in staat is wordt gedemonstreerd door Janne Spijkervet, music producer en ai researcher. Fred Vieze Fur bewijst dat je geen geluidsopnames hoeft om te draaien (backmasking) om duivelse stemmen op te roepen. One beautiful bastard!

Is het wat, die ARI? Te random meent Fur. De Jeugd vond het uitstapje… vooral heel gezellig!

Door naar aflevering drie (👀  36.385) waarin mode aan de orde gesteld wordt. Ik hoop dat het sick is, anders moeten we gaan liegen dat het sick is… zucht Wartaal. We liegen wel, mompelt Fred. Ze zijn onderweg naar Duran Lantink, bekend van de vagina-broek uit 2018. Lantink doet aan up-cycling. Onderweg dumpen ze nog even een lading tennisballen in het Amsterdamse Bos. Zo verweven de reclamemakers van Towel Media een USP van deze auto in het verhaal: wow, wat een bagageruimte!

De derde pijp?

Olivier (Wartaal) kenschetst de kledingkeuze van zijn lotgenoten. Pepijn lijkt op een mocro van veertien. Fred kleedt zich als een nette vijftigjarige homo. En zijn eigen stijl omschrijft Wibba als cozy boy. In skinny jeans? jawel, want die zijn stretchy!

De mannen belanden bij The Hermitage waar een zaal in gebruik genomen is door Lantink die mensen met een beperking witte wanden en witte kleren laat kleuren. Die kans laat De Jeugd niet onbenut. Ze bedenken ter plekke de penis-broek en Pepijn filosofeert al over een derde pijp.

In ronde vier (👀  27.552) komen we bij DRIFT terecht: Lonneke Gordijn en Ralph Nauta. Die laten zich inspireren door de natuur en golfbewegingen om kunst te maken. Maar dat zijn ook gebruiksvoorwerpen zoals lampen waar paardenbloemenpluizen in verwerkt worden. De Jeugd mag plakken. Pepijn heeft talent en Wibba wil niet geholpen worden.

In deze laatste aflevering is ook te zien dat De Jeugd eigenlijk vooral ingezet wordt om grappige dingen te zeggen in een serie die scripted & directed is door Towel Media. Halverwege breekt cameraman Mario in om Fred te suggereren te vragen of hij zelf ook een lampje mag lijmen…

De regie hoor je ook in de commentaartekst die zo obligaat is dat het bijna ironisch bedoeld lijkt. De Jeugd heeft de toekomst geproefd, gevoeld, gezien, beleefd en gecreëerd. De Jeugd lacht als laatste, all the way to the bank!

Dat is ook de reden waarom deze campagne uiteindelijk toch werkt. Alle marketing humbug van KIA en Towel verdampt omdat De Jeugd zelf gelaagdheid in deze serie brengt. In elke aflevering zit wel een moment dat ze de draak steken met de auto en de opdrachtgever. Zo geven ze een knipoog naar hun achterban, die ook wel begrijpt waar de kiachel van brandt.

Kleur Bekennen

Het is ongeveer een eeuw geleden dat het woord reclame nauwelijks gebruikt werd en bureaus zich bezig hielden met publiciteit of propaganda. Anno 2021 valt op dat er campagnebureaus zijn bijgekomen. Op het eerste gezicht zijn die vooral actief in de sfeer van politiek, overheid en goede doelen. Maatschappelijk betrokken. Partij kiezen. Kleur bekennen. Maar het is ook denkbaar dat deze uitdrukking een nieuwe verzamelbegrip aan het worden is voor agencies die talloze media en momenten inzetten om een boodschap over te brengen, een doel te bereiken. Print, TV, online, events, merchandise: alles mag!

VrijheidssoepMerchandise? In Amsterdam wordt Bevrijdingsdag al jaren gevierd met gezamenlijke maaltijden, maar vanwege de pandemie was dat de afgelopen jaren niet mogelijk. Campagnebureaus Partizan Publik en Food Cabinet kwamen daarom vorig jaar met maaltijdsoep in blik. Uiteraard een symbolisch product, maar er werden daadwerkelijk achtduizend blikken verspreid door de stad. Het initiatief werd ook in Rotterdam warm onthaald, waar een jaar later zesduizend blikken soep uitgedeeld werden.

Alle bureaus*

Partizan Publik: een cultureel productiehuis en campagnebureau dat sinds 2004 vanuit Amsterdam-Noord betrokken is bij de productie van exposities, boeken, publieksprogramma’s en campagnes. Opgericht door Thijs Middeldorp en Joost Janmaat. Ze voeren de dagelijkse directie van het 4 en 5 mei comité in Amsterdam. Een mooi voorbeeld van hun aanpak is de Ambassade van de Noordzee, een stem namens een gebied zonder eigen vertegenwoordiging.

Food Cabinet: een Amsterdams campagnebureau dat zich richt op het voedselsysteem van de toekomst. “Met onze campagnes, activaties, evenementen en programma’s inspireren we mensen om gezonde, duurzame en eerlijke voedselkeuzes te maken.” Het overzicht van opdrachtgevers is een mooie mengeling van non-profit, overheid, productie en retail.

Van Loof: een advies- en campagnebureau in Almere dat zich richt op duurzaamheidstransities. Zo’n transitie begint in eigen huis met een bewustzijn, een plan dat in daden wordt omgezet, maar strekt zich gaandeweg ook uit naar de omgeving. Naar toeleveranciers, dienstverleners, distributors, klanten en gebruikers. Van Loof is in 2014 opgezet door Valerie Bos en deze specialisatie is de laatste jaren ontstaan. Veel klanten in Almere en de polder, overwegend overheid en verwante instellingen.

CampaignwatchBKB: Campagnebureau BKB stelt zich voor als een verhalencollectief dat helpt om maatschappelijke  kwesties op de agenda te zetten. “Van de vluchtelingenproblematiek tot gelijke kansen in het onderwijs, van duurzaam beleggen tot het belang van open data, van veteranen tot werkstress. Voor opdrachtgevers en op eigen initiatief.” Het team werkt al een jaar of twintig in Amsterdam en verzorgt daar ook een akademie voor aanstormend talent en de Campaignwatch Podcast over verkiezingen.

The Locals: in de metatags voor Google noemen ze zich nog campagnebureau, maar op de site zelf is het weer vertrouwd reclamebureau. The Locals in Haarlem kiest onverbloemd voor de commercie. De campagne-positionering was een jeugdzonde.

Effectgroep: het blijft toch vooral een reclamebureau, maar de Effectgroep in Utrecht merkt dat een iets bredere positionering aantrekkelijk is voor opdrachtgevers die wat meer willen dan de toch wat twee-dimensionale reclame. En dus zien we de Effectgroep zich presenteren als campagnebureau dat online events inzet als onderdeel van een groter plan om communities, doelgroepen en achterbannen te activeren.

Better Together Agency: deze club op het Mediapark in Hilversum mikt op maatschappelijke impact. Op initiatief van dit bureau werd bijvoorbeeld de campagne Alles = Politiek (zie beeld bij kopregel) opgezet om jongeren te motiveren tot stemmen bij landelijke verkiezingen.

Campact_merchandiseDe Goede Zaak: dit gezelschap stelt zich op als bondgenoot voor progressief Nederland. Het is eigenlijk een ledenorganisatie met vrijwilligers als medewerkers, naar model van MoveOn (met merchandise) in de VS, 38degrees in Groot-Brittannië en Campact (met shop) in Duitsland. Crowd-campaigners! Deze clubs bieden een platform aan thema’s die door de deelnemers worden aangedragen. Een recente Nederlandse campagne was die voor gratis anticonceptie, samen met het Bureau Clara Wichman.

Nationaal Campagnebureau: deze naam wordt gebruikt door een zzp’er die enkele jaren geleden als bureau vanuit Antwerpen en ‘s-Gravenland actief was met campagnes voor Netflix en het Oekraïne Referendum. Anno 2021 is deze eenpitter actief voor een klant in Almere en staat de domeinnaam tijdelijk in de winterstalling.

Nieuwe Wending: noemt zichzelf een bureau voor breincommunicatie omdat de aanpak gebaseerd is op actuele inzichten ten aanzien hersenwerking en gedragsverandering. Daar reageren vooral opdrachtgevers uit het maatschappelijk veld positief op.

*[nog in bewerking > tips naar zakenkrant AT gmail.com]

 

Geef meer met een boek?

De uitgeverij is een schrijversindustrie. Of is het een papierverwerkerij? Je zou enige liefde voor de taal verwachten, maar als we kijken naar de promotie van boeken- en tijdschriftenbonnen, of het boek zelf, dan is taal bijzaak. Er is meer!

BoekenDe slogan die de Stichting Collectieve Propaganda van het Boek al sinds 2019 in cadeaumaanden gebruikt is Geef meer met een boek. Een typische tekstschrijversslagzin, zou ik zeggen. Deze toverspreuk biedt namelijk een oplossing voor een onbestaand probleem. Meer! Ik kan me wel voorstellen hoe dat verkocht is aan het onvermijdelijk committee van uitgevers en boekverkopers. Meer! Natuurlijk willen die commerçanten dat wel. Altijd meer!

Ik heb een vermoeden dat de eerste versie minder gebiedend was. Met een boek geef je meer… heeft nog een open einde. Maar men koos voor de dwingende variant. Daar zal vast wel een psychologische rechtvaardiging voor zijn. Laat de keuze niet bij de klant. Vertel hem of haar wat te doen.

Drank maakt meer kapot

De CPNB heeft zelf de volgende verklaring. ‘Het doel van de campagne is om Nederland laten zien dat het boek het beste cadeau is omdat je met een boek echt iets persoonlijks geeft.’ Een echte klompenbreker. Wat is er persoonlijk aan meer? Waarom is een boek meer en zijn chocolade of bloemen minderwaardig?

Ik vind meer beter passen bij drank of zoiets als psiloscybine. Een boek biedt weliswaar persoonlijke beleving en stof tot overpeinzing, maar bij drank en drugs mag de hele omgeving mee genieten. Dat zijn geschenken met echte meerwaarde. Geef meer met jenever! Daar is bovendien van bekend dat het ook meer kapot maakt dan je lief hebt. Kijk, dat was nog eens een slogan met slagkracht.

Eén ding weet ik bijna zeker. Er zitten geen echte schrijvers in de selectiecommissie en er werken geen echte auteurs bij het reclamebureau dat deze leuze bedacht heeft. Het is een slogan die slagzij maakt. Ik vermoed dat het een online marketing agency was, zo eentje die influentials inhuurt en teksten selecteert op hun zoekmachine-geschiktheid. Zo’n slagzin is gecondenseerde marketing-speak. Het is de briefing weerspiegeld.

Welk bureau was dat? In 2019 heette de agency nog ACHTUNG! mcgarrybowen, maar inmiddels is dat DentsuAchtung! met aangeplakt uitroepteken. Typografen aan het roer. Toch niet de minsten. Ik ken Achtung als een creatieve club die doorgaans niet voor de makkelijke compromissen gaat. De centrale gedachte van deze campagne is wel te volgen. Een boek is geen twee-dimensionaal cadeau. Geen platte consumptie. Je doet immers een verhaal cadeau. Je deelt de wereld, althans een persoonlijk stukje ervan.

Maar hoe zeg je dat?

[nog in bewerking]

Siberische Iep

Een pronkstuk van het arboretum Poort Bulten bij Oldenzaal is de Siberische Iep. Het park is aangelegd in opdracht van het echtpaar Clara en Christiaan Gelderman. Hij was een zoon van textielfabrikant Herman Gelderman die de gronden eind 19e eeuw gekocht had. De oude stoomspinnerij van de familie in Oldenzaal doet nu dienst als bedrijfsverzamelgebouw.

Siberische IepClara Gelderman-Muller huurde in 1912 tuinarchitect Leonard Springer in om een naaldbomentuin aan te leggen, een zogenaamd pinetum. De tuinarchitect besloot al snel ook loofbomen te planten, allemaal van ongeveer dezelfde bandbreedtegraad zodat ze winterhard zouden zijn. Springer liet van elke boom drie exemplaren planten, in de hoop dat tenminste eentje zou aanslaan.

De vette klei van Poort Bulten was zo dik en vochtig dat pachters de grond meter voor meter moesten omspitten. Om de vruchtbaarheid te verbeteren, verzamelden de arbeiders van de fabriek hun uitwerpselen in tonnen. Zo is de Siberische Iep groot gegroeid op Oldenzaalse stront.

Poepiep

Al die tijd was echter niet bekend dat het om een Siberische Iep ging. De boom was door Springer achterin het park geplant, tussen een stel andere iepen. Na de Tweede Wereldoorlog heeft een volgende tuinarchitect een inventaris gemaakt en deze boom beschreven als een wateriep. Toen is bovendien de ingang van het park verplaatst, waardoor deze boom ineens vooraan kwam te staan.

Later onderzoek toonde aan dat het een boom betrof die van oorsprong in de Gobi-woestijn groeit, de ulmus pumila (pdf). Deze pummel-olm is dus eigenlijk een Mongoolse Iep en geen Siberiër. Hij groeide voorspoedig, een unieke boom, dus zijn zaad is verzameld voor veredeling. Nazaten van de Oldenzaalse poep-iep worden nu door heel Europa verkocht, en zo belandden er 1700 exemplaren in het Zalkerbos bij Kampen. Per vergissing, want dat hadden gewone gladde iepen moeten zijn.

ZalkerbosDit ooibos in een IJsselbocht levert omwonenden al eeuwen hakhout en geldt daarom als één van de oudste bossen in Overijssel. Sommigen noemen het zelfs enthousiast een oerbos. Daar wordt als sinds oertijd gehakt dat het een lieve lust is. In een oerbos horen oerplanten, dus de blunderbomen moeten verwijderd worden. Gerooid. Uitgespit met wortel en al.

Nou is het Zalkerbos sowieso een hoofdpijndossier voor Kampen, want de wandelpaden zijn aangelegd met zwart zand in plaats van rivierzand en er is versnipperd hout achtergelaten op de bosgrond, zo stellen Zalker-boswatchers vast. Die eisen nu verwijdering van de Siberische Iepen. Een suggestie: maak er bonsais van. Daar zijn deze gobi-bomen zeer geschikt voor.

Oldenzaal doet ondertussen of zijn neus bloedt. Het dorp kent een Gelderman-stichting, oorspronkelijk opgezet in 1920 als een Stichting voor Ontwikkeling en Ontspanning door de firmanten Gelderman. Ze doneerden honderdduizend gulden voor een zwembad en hetzelfde bedrag voor de organisatie van sport en spel. De familie Gelderman nam daarmee ook stelling tegen de verzuiling in het overwegend katholiek dorp. Op het gemeentehuis werkten overwegend katholieken, dus nam het bedrijf op zijn hoofdkantoor bij voorkeur protestanten aan. De sport- en nutsvoorzieningen die Gelderman subsidieerde waren echter voor iedereen toegankelijk. Het zwembad aan de Steenstraat diende tevens als badhuis voor de textielarbeiders, die in hun eigen woning weinig wasgelegenheid hadden.

Brandhout

In 1947 werden de villa Kalheupink, het park en bijbehorende bebouwingen door de familie gedoneerd aan de stichting. De villa is in 1957 afgebroken vanwege de bouwvallige staat. Ook van Poort Bulten was na de oorlog niet veel over. Veel bomen waren omgezaagd door omwonenden op zoek naar brandhout. Maar de Siberische Iep met zijn kenmerkende schors stond nog fier overeind. Christiaan Gelderman vestigde zich in het jachthuis en liet het park herstellen met hulp van naaldbomenkweker Piet den Ouden en tuinarchitect Hendriks uit Amsterdam. Het arboretum en omliggende landerijen zijn een prachtig wandelgebied.

In 1973 kwam Poort Bulten in beheer bij de Regio Twente. Die gaf het in 2016 door aan Natuurmonumenten. Daar belandden nu de inkomsten uit de verkoop van het iepenzaad.

Op de zolder van het oude jachthuis trof men een poezie-album aan met dit versje.

Siberische IepEr woont een Iberische Siep
in de Siberische Iep.

Pieperdepiep!
Heel in het geniep,
nestelt hij diep.

Verlegen tiep.

Media Meligheid

Wij hadden ook zo’n afzeikclubje in de eerste klassen van de middelbare school. Die melige humor leeft nog volop voort bij het tv-programma Media Inside. Mededogenloze borrelnootjeslol voor gymnasten. “Mam mag ik vanavond weer bij Marcel blijven slapen?” Veel gegiechel en een vleugje venijn, gegarandeerd goed voor eindeloos jongensjolijt.

Gijs Groenteman over de soms wat lastig te volgen Margriet van de Linden in het nieuwe seizoen van M: “Nu moet ik zeggen dat Margriet ook ook altijd wel een beetje moeite heeft met ja, zinnen te formuleren die ik in elk geval wel kan begrijpen. Laten we even één willekeurig voorbeeldje uit haar show van afgelopen week, waarin ze het had met uh, met, met popartiesten over de naderende coronomaatregelen…”

In een serie avondvullende voorstellingen met als titel De Pannenkoekcaravan doen Gijs Groenteman en Marcel van Rosmalen deze maanden bovendien verslag van hun recente avonturen in het food truck circuit. In eigen woorden: De Pannekoekencaravan is een poedersuikerzoete theateravond over vriendschap, ambitie en hoop. Meligheid als multimedia-format!

Zie ook Mediacourant over de wekelijkse ophef.

Jutta boegbeeld of boothbabe?

In 2018 deed de Formule 1 zijn pitspoezen in de ban. Vijftig jaar na Dolle Mina legden de grid girls op de mondiale racecircuits alsnog het loodje. Ook bij de grote car shows zijn zogenaamde booth babes al sinds enkele jaren amper nog te zien. De aanschaf van een nieuwe auto is geen mannenzaak meer, dus schaars geklede dames op de motorkap worden geassocieerd met male chauvinism. Een fenomeen uit voorbije tijden.

Desondanks komt de Nederlandse software-ontwikkelaar Thinkwise anno 2021 met een campagne waarin schaats-ster Jutta Leerdam voor de camera haar lange haar schudt om een flesje Guarantee by Thinkwise onder de aandacht te brengen. Het is niet zo dat het booth babes debat aan de IT- en game-industrie voorbij gegaan is, in tegendeel. Er zijn tegenwoordig tradeshows waar het simpelweg verboden is om stands te bemannen met sexy showgirls.

De keuze van Thinkwise is des te opzienbarender omdat het bedrijf gevestigd is in Apeldoorn, waar veel mensen geloven in het gezag van de bijbel. Jutta is weliswaar een prachtige exponent van de schepping. Maar heeft onze lieve heer bedoeld dat de vrouw als lustobject diende voor de man, een booth beauty die zich laat besprenkelen met aftershave en eau de cologne? Tegelijk mag gezegd dat Jutta uit vrije wil zelf haar killerbody etaleert op social media.

Legacy Systems

Waar komt zo’n campagne-idee vandaan? Is het bijzonder briljant of juist verschrikkelijk gedateerd? Jutta is boegbeeld van de schaatsploeg Team Worldstream Corendon, voorheen Team Nxtgen. Is Thinkwise wellicht ook sponsor van dit team en vloeit de verschijning van Jutta in de spotjes van het bedrijf voort uit die overeenkomst? Nee. Is er een andere associatie, iets met parfum bijvoorbeeld? In de verste verten niet.

Thinkwise verkoopt low-code development tools, een ontwikkelomgeving waarmee complexe systemen opgebouwd kunnen worden uit modules op basis van een grafisch ontwerp > als ik het goed begrepen heb. Met deze eau-de-parfum vraagt Thinkwise aandacht voor core legacy systems, vaak het lang kloppend hart bij veel grote bedrijven en instellingen. Die zijn bevreesd dat vernieuwing tot onherstelbare problemen leidt. Thinkwise verzekert echter vervanging binnen twaalf maanden. Vandaar de garantie.

Nou is reclame voor software in dit business-to-business domein niet eenvoudig. Het zijn producten en diensten met enige abstractie. Ik zie nog een advertentievoorstel voor me bij een bekende leverancier van private cloud solutions waarbij we een blauwe lucht vol ballonnen suggereerden en de opdrachtgever koos voor een afbeelding van zijn nieuwste server: een soort ijskast bezien vanaf de achterzijde. Van kwaad tot erger. Die ballonnen zijn namelijk ook een cliché.

Ongebaande wegen

Dus moeten we Thinkwise nageven dat ze ongebaande wegen durven te bewandelen. Buiten de box! Wat ook aardig is: je kan al je vaste klanten een mooi flesje in een doosje sturen. Dat doet Thinkwise inderdaad, bevestigt marketing manager Mark van den Berg. Een mooie geste. Een aardige give-away, zo’n parfum. Maar je geeft toch ook blijk van een wereldbeeld waarin vrouwen als object worden gebruikt. Jutta heeft immers niets met core legacy te maken. Jutta is een topsporter. Een influential die zelf bepaalt hoe ze op social media te zien is. Waarom dan parfum aanprijzen voor een softwarebedrijf?

Guarantee ThinkwiseDat parfum is een bedenksel van Hans Dekker (Ministry of Marketing) en Paul Falla (Lubbers De Jong). Volgens fotograaf Brenda de Vries is Jutta het perfecte model voor de doelgroep van deze parfum. Jutta Leerdam vertelt zelf dat ze het merk twee jaar lang steunt, buiten de Benelux ook in Engeland en Duitsland.

Robert van der Linden (baas bij Thinkwise) omschrijft de nieuwe campagne als disruptive marketing. Ik mag hopen dat-ie ook nog mensen om zich heen heeft die hem durven vertellen dat hij zich seksistische nonsens heeft laten verkopen. Gebakken lucht, letterlijk. Wat komt hierna? Jutta blendt een smoothy? Jutta breit een babypakje? Misschien hebben de dochters van de software boomers bij Thinkwise nog wat tips.

Het oorspronkelijke verhaal is namelijk best goed. Vrijwel alle systeemhuizen en softwarebouwers vinden de vervanging van core legacy systems doodeng. Dat traject leidt doorgaans tot vertragingen en budgetoverschrijdingen. Thinkwise kent die angst niet. Daarom geeft het bedrijf garantie: een rationeel verhaal. Met een emotionele dimensie. Fearless!

De Metermakers

De naam voorspelt al niet veel goeds: Annatommie MC. Zie de zot die aan zijn opdrachtgever vertelt: Dat zijn twee persoonsnamen aaneen. Anna & Tommie. Mannetje en vrouwtje. Wee de stoethaspel die dat accepteert. De kliniek werd aanvankelijk Ortho Medical Center genoemd. Ook niet mooi met al die stotterende spaties. Maar nu? Waar ga je heen? Naar Anna Tommie mammie!

Enfin. Bewegen is gezond; bewegen is belangrijk. Dus valt er geld te verdienen met ondernemende zorg. Patiënten die herstellen van een gewrichtsoperatie, cliënten die bijkomen van een luchtwegaandoening. Maar ook mensen die meer beweging nodig hebben, omdat ze lijden aan morbide obesitas bijvoorbeeld. Het is een groeimarkt.

Blijkbaar zijn speciale beweegherstelhuizen rendabel. Vanuit een gespecialiseerd orthopedische kliniek in Rijswijk is het Ortho Medical Center uitgegroeid tot een bedrijf met twee operatieklinieken en zes behandelplekken die zich helemaal richten op gewrichtsproblemen, ook van schouder en pols.

Op de been

Annatommie MC maakt anno 2021 reclame voor zijn diensten. Een volgende stap. Met een ronkende tekst die knarst en kraakt. De basis is een flauw woordspel rond meters maken. Aha: een vondst. Een concept! Het verhaal kent bovendien een moeizame wending. Het liefst… Maar soms… Dan is er tenslotte nog wat overbodige beeldspraak over een kink in de kabel die ons op het verkeerde been zet. Zodat we uiteindelijk struikelen over de gemakzuchtige voegwoordjes gelukkig en gewoon. Wat een gestuntel. De tekst is bovendien neerbuigend naar cliënten van de MC. Die mensen hebben toch geen breinaandoening?

Bewegen.
Het liefst blijven we allemaal zo lang mogelijk meters maken.
Maar soms komt er een kink in de kabel.
Gelukkig kunt u kiezen voor de klinieken van Annatommie medisch centra.
Gewoon verzekerde bewegingszorg door medisch specialisten…
…die meters hebben gemaakt.

Wat voor taal is dat? Mag ik het zorgspraak noemen? Het tijdschrift dat het bedrijf liet uitgeven bij zijn 15-jarig jubileum komt met de volgende aankondiging: Dit ademt ons DNA. Wellicht kan een medisch assistent de schrijvers duidelijk maken dat DNA niet ademt. Zulke beeldspraak is zorgelijk.

Deze commercial lijkt uit de koker te komen van het bureau Zuurstof in Amsterdam. Alleen staat er op hun site nog een veel langere tekst. Maar het meters maken is wel herkenbaar. Zuurstof heeft veel zorgklanten.

Wat dan wel? Met lopen kun je vele kanten op. Maar omdat ook andere gewrichten een rol spelen, kan de tekst niet loopgericht zijn. Wat is dan de uitweg? Doe bijvoorbeeld iets met soepel, vertel een duidelijk verhaal, prop het niet vol met tekstvondsten en doe dat op muziek. Dan vloeit de boodschap vanzelf mee.

Overigens: begin 2018 kreeg Annatommie MC van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd een aanwijzing met zeven verbeterpunten. In de loop van het jaar bleek in instelling zich inderdaad verbeterd te hebben.

Zeeduivel

Zeeduivel is niet bepaald de mooiste vis in de Atlantische Oceaan. Hij is gebouwd om op de bodem te wachten tot iets voorbij zwemt en dan direct toe te slaan, zijn enorme bek met scherpe tanden om de prooi te klemmen en het slachtoffer in zijn geheel op te zuigen.

zeeduivelGarnalen, inktvissen, krab, kreeft en gewone vis: ze verdwijnen allemaal in die wachtende muil op de bodem. De zeeduivel kan wel twee meter groot worden, dus ook als duiker moet je oppassen. Vissers vonden het lang geen prettige vangst: veel kop en weinig staart. Maar die staart bleek een delicatesse met stevig vlees dat naar kreeft en krab smaakt. Vaak sneden vissers de kop eraf en namen de staart mee naar de afslag. Als er tijd was, werd het kopvlees losgesneden en in een bak op ijs gegooid.

Die bak vond ik bij de viskraam op de Albert Cuijp. De visboer rekende vijf gulden voor een pond, zoiets staat me nog bij. “Je mag wel wat extra betalen als je dat goedkoop vindt,” zei hij toen ik hem attendeerde op de lage prijs. Thuis maakte ik er een tandoori van. Gewoon vis laten marineren in yoghurt met tandoori-paste, even in de wok en dan spinazie erbij. Serveren met rijst! De kleurencombinatie is prachtig: gele rijst, groene spinazie en de vis wit met een rood korstje.

Niet veel later kreeg ik een vrijwel vergelijkbaar gerecht in een Michelin-ster restaurant.

 

Linkerklaas houdt niet van gemiddelde verkopers

Linkedin maakt elke dag een analyse van alle activiteiten op zijn site. Met de uitkomsten van die berekeningen wordt de social selling index (SSI) van iedere deelnemer bepaald. Dat is eigenlijk jouw en mijn autoriteit als sales professional, onze verkoopkracht. Die vergelijkt Linkedin met het gemiddelde van sales professionals in onze branche en met de mensen in ons netwerk.

Maak de vergelijking vooral eerst zelf. Met een score van 45 tot 60 zit je in de neutrale zone. De meeste mensen zitten lager. Maar gelukkig altijd boven de industry average. Scoort je netwerk lager, dan moet je nieuwe vrienden zoeken. Scoren je contacten beter, dan kun je misschien beter ophouden met flauwe grappen en discussies over niet-zakelijke kwesties.

Jouw score is van belang, want deelnemers met een hoge ranking krijgen meer aandacht. Dat werkt zo. Als jij een bericht plaatst, laat Linkedin dat aan een paar mensen in je netwerk zien. Reageren die positief, dan laat Linkedin hetzelfde bericht aan meer mensen zien. Heb jij een ranking onder de 45 dan is de eerste groep circa 20% kleiner. Heb je daarentegen een ranking boven de 75 dan is de eerste groep 20% groter. Je kan het de double jeopardy van Linkedin noemen. Actieve mensen met grote netwerken krijgen aanzienlijk meer aandacht dan passieve mensen met kleine netwerken.

Allemaal bovengemiddeld?

Eén ding is vreemd. De ranking is zo opgezet dat we allemaal beter scoren dan het gemiddelde in onze branche. Wie zijn al die andere verkopers die lager scoren? Jij en ik zijn het niet. Zijn dat mensen die zich wel inschrijven maar verder nooit iets doen? Het lijkt erop dat Linkedin een hekel heeft aan de gemiddelde verkoper.

Ook vreemd zijn de verschillen in waardering per branche. Je ziet duidelijk dat sectoren met veel online verkopers beter scoren dan traditionele branches met handelsreizigers. De gemiddelde rankings variëren een beetje, want in de loop van de tijd kan een gemiddelde omhoog of omlaag gaan. Ik heb een kleine steekproef uitgevoerd en als de variatie groot was is de afwijkende score (tussen haakjes) getoond.

  • 13 machinery
  • 15 import & export
  • 17 professional training & coaching
  • 20 health, wellness & fitness
  • 20 entertainment
  • 20 financial services
  • 21 internet (28)
  • 22 human resources
  • 23 e-learning
  • 25 management consulting
  • 27 marketing & advertising (20)
  • 28 PR & communications
  • 29 information technology & services
  • 32 computer software
  • 32 online media

Ik heb me prompt laten overschrijven naar online media, dat is een beroepsgroep die iets beter gewaardeerd wordt. Toch doet die hele social selling index wat kunstmatig aan. Volgens mij is het vooral een behave good index die dient om sociaal gewenst netwerk-gedrag op Linkedin te bevorderen. We bespreken zo hoe je jouw score kan verbeteren.

Establish your professional brand

Zorg ervoor dat je LinkedIn profiel compleet is en dat je vanuit je netwerk erkenning krijgt voor je vaardigheden. Voeg beeld en video toe, publiceer artikels. Met een beetje geluk geeft LinkedIn je het Allstar-stempel en wordt je gezien als ‘zeer’ deskundig. Let er op dat je ook skills toevoegt en endorsements en recommendations krijgt.

Find the right people

Ben je actief in het zoeken naar en reageren op andere deelnemers? Dat gaat beter met een premium account dan met een gratis basic account.

  • Premium Career helpt om vooruit te komen in je professionele leven.
  • Premium Essentials is net zoiets.
  • Sales Navigator helpt leads te genereren en je klantenkring op te bouwen.
  • Recruiter Lite helpt bij het vinden en aannemen van talent.
  • Premium Business biedt gedetailleerde bedrijfsinzichten en helpt u met de groei van je bedrijf.
  • LinkedIn Learning helpt je vaardigheden te verbeteren en nieuwe te ontwikkelen.

Wie actief is met bv een sales navigator account krijgt lead recommendations die steeds beter worden naarmate ze actief gebruikt worden. Linkedin volgt hoe actief je anderen uitnodigt en hoe je op uitnodigingen reageert. Dat draagt allemaal bij aan je status. Als een gek iedereen uitnodigen, werkt averechts. Accepteren ze je niet, dan daalt je status.

Engage with insights

Niet alleen relevante content draagt bij aan je ranking, maar ook dat je lid wordt van groepen en actief participeert, reageert op berichten van anderen, mensen benadert via InMails, leads opzoekt en je expert-status verhoogt met gewaardeerde content.

Build relationships

Onderhoud actieve contacten binnen je eigen netwerk, maar kijk ook hoe je dat netwerk kan uitbreiden door contacten in de tweede en derde graaf. Houdt contact met collega’s en oud-collega’s, klanten en toeleveranciers. Linkedin kijkt ook welke status je contacten hebben en hoe actief het contact is. Wens ze een mooie verjaardag.

Slijm jezelf omhoog op de SSI-ranking!

[NASCHRIFT] Ik doe een rondvraag op Linkedin om te checken of de average sales professional inderdaad een lagere score heeft dan alle actieve deelnemers.

 

 

Do you know what your score on the Social Selling Index is? And is your prestige better or worse that your industry average? Please do the test and let us know in the poll if you score lower or higher. I am sure some statisticus can explain the results.

I look forward to comments.